Kill your darlings: Onze man in Israël

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Onze man in Israël

New York, juli 2009

Eén van de meest onwaarschijnlijke ontmoetingen in mijn dating bestaan is met Avi. We zijn via de datingsite in contact gekomen, maar Avi woont in Israël. Hij reist regelmatig naar New York voor werk, zegt hij, en heeft daarom gezocht op vrouwen in New York. Avi handelt in kunst.

Hij is getrouwd, dus ik zeg hem al aan het begin van ons contact via de website dat ik geen zin heb om zijn New Yorkse maîtresse te worden. Als ik het kan voorkomen ga ik liever niet lopen stoken in een goed huwelijk natuurlijk, als je het een goed huwelijk mag noemen als iemand zonder medeweten van zijn of haar partner op een datingsite zit. Maar dat terzijde.

In onze correspondentie, die ik eigenlijk graag meteen al had willen afronden maar die Avi constant op gang houdt, vraag ik hem uiteindelijk waarom hij op de site zit, waarom er zo duidelijk op uit is om vreemd te gaan. We raken in een gepassioneerde discussie over levensopvattingen en religie. Wanneer hij op een dag naar New York komt, stem ik toe hem te ontmoeten voor een kop koffie tijdens mijn lunchpauze. Vriendschappelijk, meer niet. Laten we onze discussie daar voortzetten, spreken we af.

Avi staat bij de ingang van het West 4 Street metrostation op me te wachten, mét twee enorme koffers. Hij komt direct uit Israël. Hij is op weg naar Canada, maar weet nog niet zeker hoe hij daar naar toe zal gaan. Bus, trein, vliegen. Hij weet ook nog niet waar hij slaapt vannacht. Ik kan best improviseren en ik geloof altijd wel dat alles op zijn pootjes terecht komt, maar dit is wel erg extreem.

Vlakbij is de prachtige koffiezaak genaamd Caffe Reggio (zie ook mijn New York tip). We slepen zijn koffers naar het café, nemen plaats en bestellen een koffie. Het is al snel duidelijk dat mijn intentie om een vriendschappelijk kopje koffie te gaan drinken niet serieus wordt genomen: hij stort zich in schaamteloos geflirt en probeert herhaaldelijk mijn hand vast te houden die ik hem dan weer ontfutsel.

‘Laat me die mooie glimlach zien,’ zegt hij met enige regelmaat. Ik vind het denigrerend en respectloos; het staat blijkbaar ter discussie of ik een affaire wil met een getrouwde man uit Israël. Had ik niet gezegd dat ik daar geen zin in heb?

Het wordt erger: Avi, die pas 35 jaar oud is, heeft vijf (!) kinderen. Hij laat foto’s zien en het blijkt dat Avi niet zomaar joods is, maar orthodox joods. Gezien het feit dat hij internationale zaken doet heeft hij de krullen, de lange bakkenbaarden, afgeknipt. Ik dacht altijd dat het binnen deze stroming verboden was om ze af te knippen, maar blijkbaar is het een keuze. Zijn zoontjes hebben in ieder geval wel de lange krullen voor hun oren.

Hoe harder Avi – zeker geen onaantrekkelijke man, met rossig haar en een goed gebouwd lichaam – probeert, hoe killer en afstandelijker ik word. Ik drink mijn koffie op en maak snel dat ik wegkom. Mijn excuus is dat ik terug naar kantoor moet: druk druk!

Niet veel later belt Avi me op. Hij vertelt dat een vriend hem komt halen en dan rijden ze samen naar Canada. Hij vraagt of hij zijn bagage misschien een paar uur bij mij op kantoor mag laten. Verschrikkelijke terroristische scenario’s trekken onwillekeurig aan mijn geestesoog voorbij; in Amerika word je erg bang gemaakt voor onbeheerde tassen en koffers, dus ik moet er even over nadenken voor ik toezeg.

Aan het eind van de dag komt Avi ze weer ophalen en hij loopt met me mee naar het West 4 Street metrostation waar ik de metro naar Brooklyn pak. Inmiddels is Avi moe en uitgeblust. Hij heeft niet meer de energie om me te versieren en op deze manier is hij heel goed te verteren. We nemen afscheid met een Amerikaans hug. Hij schrijft me later dat hij zich altijd af zal vragen hoe het zou zijn om mijn, zoals hij zegt, mooie lippen te kussen. Ik ga er maar niet op in.

Kill your darlings: Anders

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Anders

New York, maart 2010

Ons bedrijf is (destijds) net gekocht door een Zweedse investeringsmaatschappij, dus als ik het profiel tegenkom van een aantrekkelijke Zweedse man, in de veertig, met halflang, donker haar denk ik: Zweedse les! Perfect. Dat komt vast een keer van pas.

Ik schrijf hem aan via de datingsite en stel hem voor dat ik hem op koffie trakteer als hij me wat Zweedse woordjes leert. Dat is natuurlijk een aanbod waar geen zichzelf respecterende Zweed nee tegen kan zeggen.

We ontmoeten elkaar in het Financial District – waar hij werkt – bij een koffiezaakje dat midden op een pleintje is gebouwd. Het staat er zo vreemd bij op dat plein, dat het lijkt alsof het is opgepikt door een tornado en daar weer is neergekomen. Dat is natuurlijk een beetje overdreven, maar dit zaakje probeert gezelligheid uit te stralen en gezellig zal het door de omgeving nooit worden. Het hele Financial District is alles behalve gezellig met de hoge torens en de voortdurende, kille schaduw alsof je in een ravijn werkt.

De date is kort en draait nergens op uit. Er zijn een paar punten waarom het niets wordt tussen ons:

  1. Hij is te laat. Niet een paar minuutjes, echt behoorlijk te laat.
  2. Hij ruikt duidelijk naar rook terwijl er in zijn profiel staat dat hij niet rookt. Ik vind het helemaal niet erg als een man rookt, het kan zelfs wel een beetje sexy ruiken bij de juiste man, maar je moet niet liegen tegen mij!
  3. Hij is ICTer. Helemaal niets mis mee, prima baan, maar dat betekent wel dat we over ons werk zo zijn uitgepraat, want daar gaat mijn systeem niet voor in de overdrive.
  4. Hij praat alleen maar over zichzelf.
  5. Ik leer dus geen enkel Zweeds woord.
  6. Zijn naam is Anders. Niet anders dan anders, nee, letterlijk: Anders. Heel gebruikelijk in Scandinavische landen, maar zie je het voor je? ‘Anders… Ooh, Anders, ga door… Ooh, hmm, Anders, ja! Harder…’ Zie je? Dat werkt dus niet.

We nemen afscheid met een kus op de wang als hij zich plotseling realiseert:

‘Maar ik heb je helemaal geen Zweeds geleerd!’

‘Geeft niet, Anders,’ zeg ik met een flauw glimlachje, ‘volgende keer.’

We weten beiden dat er geen volgende keer zal zijn. Adjö! (opgezocht op Google Translate)

Zwangerschapsverlof

Dinsdag heb ik een kind gebaard. Na anderhalf jaar persen.

Ik heb het over mijn boek; het is afgelopen dinsdag bezorgd in de boekhandel en bij de mensen die het hadden gereserveerd bij bijvoorbeeld bol.com.

Ik heb deze week daarom vrij genomen van mijn werk. Zwangerschapsverlof. Zo zie ik het. Collega’s maken baby’s van vlees en bloed en ik maak een boek.

En net als met een mensenkind is zwangerschapsverlof niet geschikt om bij te komen, baby’s hebben namelijk ontzettend veel aandacht nodig, en boekjes ook! Zwangerschapsverlof is omdat je geen tijd hebt om te werken (en omdat je er fysiek niet toe in staat bent na een echte bevalling).

Maandag was een rustige dag en kon ik even op adem komen. Beetje emailen, beetje aandacht besteden aan de verschillende social media accounts. Een heel ontspannen dag eigenlijk om mij geestelijk voor te bereiden op mijn allereerste radio interview!

Dinsdagochtend was ik om half negen te gast bij Radio Rijnmond. Beluister het interview hier (audio opname onderaan de pagina).

Met de ‘geboorte’ – of verschijning moet ik natuurlijk zeggen – op dinsdag kwamen er de nodige felicitaties. Hartverwarmend, maar ik kan je vertellen dat ik de hele dag op de diverse social media platformen heb doorgebracht, in mijn verschillende email inboxen en op de whatsapp. De dag vloog voorbij, bijna volledig doorgebracht in de virtuele wereld. Niet erg want het stormde behoorlijk in de echte wereld!

Woensdag hebben Eduard de Boer (De ReputatieCoach) en ik, de ReputatieCoaching Podcast aflevering 131 voorbereid, tenminste, mijn gesprekje met hem wat hierin is verwerkt (beluister het resultaat hier).

Als je een online reputatie op wilt bouwen, om wat voor reden dan ook, dan kan ik je aanraden alle andere 130 afleveringen ook te beluisteren of je in ieder geval (gratis) te abonneren op de podcast via bijvoorbeeld iTunes, zodat je ze niet meer mist. Nuttige tips voor onder andere ondernemers en bloggers!

Diezelfde middag had ik een interview met het plaatselijke weekblad De Stem van Dordt. Het stuk zal waarschijnlijk 10 juni geplaatst worden. http://www.deweekkrant.nl/de_stem_van_dordt

Woensdag heb ik ook gebruikt om een aantal exemplaren van mijn boek te signeren en te verpakken voor mijn familie, mijn proeflezers en de mensen die mij op een andere manier hebben geholpen.

Verder is het deze week: goed slapen, veel sporten en gezond eten, want het klinkt misschien niet als veel werk, maar het is topsport!

Vandaag is het donderdag en vanavond wordt mijn boek feestelijk gepresenteerd in boekhandel Vos & van der Leer in Dordrecht. We verwachten ongeveer 100 mensen, dus dat wordt reuze gezellig! (Bekijk de foto’s hier)

Deze dag begint met een interview voor de website van het blad Libelle (lees het hier). Dan in de middag, rond 15.30 uur, ben ik te gast bij Radio EenVandaag (beluister het hier). Met het openbaar vervoer kom ik niet op tijd terug in Dordrecht voor mijn eigen boekpresentatie, dus heeft de redactie van Radio EenVandaag – heel attent – een taxi voor me geregeld om me terug te brengen. Dat wordt met zwaailichten over de A27! Ha!

Ik was weer gewend aan het Nederlandse ‘doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’, maar mijn New York attitude komt meteen weer bovendrijven na deze week!

😉

Kill your darlings: Andrew

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


 

Andrew

New York, april 2009

Andrew heeft een fantastisch gevoel voor humor in zijn mailtjes en dat vind ik aantrekkelijk. Ik zou heel graag mijn leven delen met iemand die me ontzettend kan laten lachen. Als twee oudjes, op een bankje bij de vijver, in mijn Tena lady plassen van het lachen. Dat is mijn droom.

Op zijn foto ziet hij er een beetje uit als een klassieke nerd en daar is helemaal niets mis mee, zeker niet als hij me kan laten lachen. Hij is blond, draagt een bril en heeft een normaal postuur. We ontmoeten elkaar op een vrijdagavond in de Stone Rose Lounge, op de vierde verdieping van het Time Warner Center, een winkel centrum op Columbus Circle. Columbus Circle ligt aan de zuidwestelijke hoek van Central Park.

Ik vind het lastig om de bar te omschrijven, het is een lounge, en het doet mij denken aan een moderne hotelbar. De bar geeft je in ieder geval een mooi uitzicht over Columbus Circle en Central Park.

Bron: www.stoneroselounge.com
Bron: http://www.stoneroselounge.com

Andrew en ik staan aan de bar, in een nog bijna lege zaak. Ik heb Andrew gewaarschuwd: ik heb alleen maar tijd voor een drankje, misschien twee, want ik heb afgesproken met mijn logés uit Nederland voor het diner. We hebben een leuke conversatie, maar ik merk al snel dat hij erg enthousiast wordt over de mogelijkheden tussen ons, en ik niet. Ik heb al besloten dat dit hem niet gaat worden voor mij. Er is iets met het merendeel van de Amerikaanse mannen van zijn leeftijd – eind dertig – wat mij afstoot: ze horen zichzelf ontzettend graag praten, maar wat er uit komt is niet per definitie de moeite waard om naar te luisteren. Ze vinden zichzelf geweldig, in de piek van hun leven, hebben nog weinig tegenslag ondervonden en vloeken – zeker Andrew – veel meer dan mij lief is. Ik houd helemaal niet van vloeken, ik vind het onnodig agressief en negatief. Zo grappig vind ik Andrew in levenden lijve dus helaas niet. Daar gaat mijn Tena lady droom.

Wanneer Andrew een verhaal vertelt over aanraken, voelen en betasten, neemt hij zijn kans waar: hij zet zijn verhaal kracht bij door met de volle hand mijn bil beet te pakken. Ik ben perplex, ik ben gechoqueerd, maar ik doe op dat moment niets. De verontwaardiging komt bij mij pas veel later. Tegen de tijd dat ik weer thuis ben, roep ik tegen mijn visite: ‘Weet je wat hij deed?!’

Maar goed, na twee drankjes vertel ik Andrew dat ik moet gaan. We lopen naar de metro. Zijn station is een andere dan de mijne, en dichterbij, dus daar zeggen we gedag. Hij zet zich schrap door zijn voeten verder uit elkaar te zetten, hij staat er stoer bij. Hij trekt me, met een arm om mijn middel, naar zich toe en begint me te zoenen. Hoppa, vol op de mond. Dikke, natte tong erbij en alles. Hij vindt dat hij zich dat kan veroorloven, ik heb immers zijn hand ook niet van mijn bil afgeslagen en wellicht heb ik de verkeerde signalen afgegeven, maar ik duw hem nu toch vriendelijke doch dringend van me af.

‘Ik moet gaan,’ zeg ik.

‘Ik hoop dat we elkaar weer kunnen ontmoeten,’ zegt hij met een zelfgenoegzame grijns, ‘ik mail je morgen.’

‘Ja, oké Andrew. Fijne avond.’ Ik maak me vlug uit de voeten.

Eerlijk is eerlijk, Andrew didn’t stand a chance : na Xavier* is Andrew als een glas bier na een voortreffelijk glas champagne. En ik houd niet eens van bier.

(*Xavier is een verrukkelijke Fransman, die ik de avond ervoor ontmoet heb. Voor dat verhaal verwijs ik je naar mijn boek. Teaser!)

Kill your darlings: Personal trainer

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Personal trainer

New York, juli 2009

Op vrijdag heb ik een date staan met Mike om een koffie te drinken tijdens een late lunchpauze. We spreken af in Le Pain Quotidien op de hoek van 8th Street en 5th Avenue, vlak bij Washington Square Park. Le Pain Quotidien is een keten, met meerder vestigingen in New York en over de wereld, waaronder ook in Amsterdam. Aanrader!

Mike is een bijzonder lekker ding. Zo’n man waar je je tanden in wilt zetten. Hij is bijna twee meter lang en bijna net zo breed. Echt een stuk, een spetter. Denk aan een knappe Amerikaanse rugby speler, of American football speler moet ik zeggen, met Amerikaanse trekken zoals een brede kaaklijn, licht blauwe ogen en donker haar. Hij komt overigens uit Texas.

Ik ben dus erg enthousiast over zijn uiterlijk, de foto’s beloven een bijzonder aangename ontmoeting, maar naarmate we meer en meer corresponderen begin ik een beetje te twijfelen aan zijn intelligentie en ik word toch wel erg opgewonden van iemand met hersens. Bovendien is hij eigenlijk op zoek naar iemand die in shape is en dat ben ik dus duidelijk niet. Maar goed, we ontmoeten elkaar dus hij vindt mij blijkbaar voldoende in shape en ik ben deze keer erg oppervlakkig: ik ga puur op zijn uiterlijk af.

Gelukkig blijkt dat ik het weer helemaal mis heb; er zit een prima stel hersens op en het is ook nog eens een bijzonder aardige man. Hij is enorm, maar niet alleen maar spieren, gewoon lekker massief. Er zit best een isolatielaagje omheen, net als bij mij. Mike is een personal trainer, maar niet – zoals ik in eerste instantie dacht – alleen voor de sportschooljunkies, maar ook bij mensen thuis, mensen die moeten revalideren bijvoorbeeld en hij doet aan gymnastiek voor ouderen. Hoe schattig is dat?!

Hij is in de veertig, halverwege schat ik. Een aantal jaren geleden is Mike zijn eigen koffiezaak begonnen, maar door de recessie ging het helaas op de schop. Nu is hij hard bezig alles af te betalen. Hij vertelt het zonder wroeging en hij praat met heel veel passie over koffie. Leuk.

Na de koffie, die bij Le Pain Quotidien echt heerlijk is, gaan we ieder weer onze eigen weg. Buiten, voor de ingang geeft hij mij een stevige knuffel, een volle kus op mijn mond, pakt me bij mijn pols en kijkt me diep in mijn ogen.

‘E-mail me,’ zegt hij dwingend.

‘Doe ik,’ antwoord ik terwijl ik langzaam in een natte dweil verander.

Het is er vreemd genoeg nooit van gekomen, dat mailtje. Stom he? Ik weet ook niet waarom niet. Hij had me toch zó op het aanrecht gezet, zei hij. Hhhguh.. (schaapachtig lachje).

Ik houd mezelf maar voor dat sommige ervaringen in je fantasie zoveel fantastischer zijn. Soms is de verzonnen versie zo heerlijk, dat je het niet wilt vertroebelen met de werkelijkheid. Slap excuus, maar that’s my story and I’m sticking to it!

Ik denk nog wel eens aan Mike. Aan dat enorme lijf, die kracht, de hand om mijn pols en zijn blik. Dan glimlach ik tevreden met alles wat had kunnen zijn. De herinnering is het enige paradijs waaruit wij niet verdreven kunnen worden, zei iemand ooit tegen mij. Dat geldt ook voor de fantasie.

Kill your darlings: Looks good on paper

Het vorige ‘kill your darlings’ verhaal is goed ontvangen. Jullie vonden het leuk om te lezen, vernam ik uit verschillende hoeken. Dat is mooi, want dit zijn de verhalen zijn die de selectie niet gehaald hebben, dus hopelijk halen jullie nog meer plezier uit de verhalen in mijn boek!

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


 

Looks good on paper

New York, maart 2009

Neil is manager van een klein bedrijfje in het Financial District wat iets doet met games voor mobiele telefoons. Neil, of beter gezegd zijn bedrijf, huurt tijdelijk een gruwelijk duur appartement in het Financial District, maar hij woont officieel nog in North Carolina. Daar wonen ook zijn ex-vrouw en zijn kinderen. Neil gaat op zoek naar een permanent appartement in New York en zal dan regelmatig op en neer reizen. North Carolina is voor Amerikaanse begrippen echt om de hoek. Dat kun je in zo’n 9 uur aanrijden, dat is niets.

bron: clipartbest.com
bron: clipartbest.com

Neil ziet er veelbelovend uit op papier: een grote, lange man, echt een boom van een vent – zo eentje waar je in wilt klimmen – en dat vind ik fijn, want ik ben een huis van een vrouw. Hij is aantrekkelijk op een Amerikaanse, tikkeltje conservatieve, manier.

We ontmoeten elkaar voor het gebouw – zo’n enorme skyscraper – waar hij zijn tijdelijke flat heeft. We vinden een bar in de buurt en daar komen we er al snel achter dat het toch niet helemaal klikt. Neil is een aardige man, maar erg gespannen en begint onder andere met me te vertellen dat hij erg perfectionistisch. Ik weet niet zo goed wat ik met die opmerking aan moet. Ik bestel een glas wijn en hij een cola.

‘Ik drink bijna niet meer,’ vertelt hij, ‘want ooit dronk ik vier flessen wijn op een dag.’

‘Oké…’ antwoord ik. ‘Wauw.’

‘En verder,’ voegt hij er aan toe, ‘heb ik ADD, Attention Deficit Disorder, waar ik medicijnen voor slik en dan kan ik beter geen alcohol drinken.’

‘Oké…’

Dit is allemaal heel eerlijk, begrijpelijk en menselijk, maar tegelijkertijd niet bijzonder aantrekkelijk voor een eerste date. Ik zou niet beginnen met deze informatie, bijvoorbeeld. Bovendien is het erg rumoerig in de bar; we moeten veel moeite doen om elkaar te verstaan en om onszelf verstaanbaar te maken. Dat helpt de situatie natuurlijk ook niet.

Na het eerste drankje stelt hij voor dat we verkassen, hij neemt me mee naar een wijnbar in de buurt. Het is een mooie zaak en veel rustiger, maar de schade is al aangericht.

‘We hadden hier meteen naar toe moeten gaan,’ merkt hij terecht op. Hij neemt nu toch een glas wijn, maar moet na twee slokken ‘plotseling’ weg om vrienden te ontmoeten voor het diner. Oké… Twijfelachtige exit.

Hij rekent af. Ik besluit nog even te blijven om mijn drankje op te drinken. Een beetje verbluft kijk ik, door de grote glazen gevel, toe hoe hij een taxi aanhoudt, instapt en verdwijnt. Het enigszins stormachtige komen en gaan van Neil die er op papier toch zo veelbelovend uitzag.

Kill your darlings: Niet zo bruisend

Er zijn ook veel verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Niet zo bruisend

New York, januari 2009

Ik heb een hele leuke champagnebar ontdekt. Dat is het meest positieve dat ik over deze date kan zeggen. De bar heet Flute en zit op 40 East 20th Street in New York. Het is een donkere zaak en je waant je in een andere tijd zodra je binnenstapt. Het doet me denken aan de jaren ’20, met een Art Deco interieur, kleine nisjes, leren fauteuils en rood pluche banken. En veel champagne uiteraard.

De date heet Robert en hij is advocaat. We hebben al snel afgesproken om wat te gaan drinken, ook al hebben we nog maar weinig contact gehad via de e-mail of de telefoon. Dat was misschien een vergissing, misschien hadden we wat meer tijd in de voorbereiding moeten steken.

Ik kom aanlopen en ik ben duidelijk niet wat Robert had verwacht. Ik vermoed dat hij mijn profiel – het gedeelte van ‘grote vrouw’ en ‘echte Viking’ – niet gelezen heeft. Robert doet weinig zijn best, of is er niet goed in, om zijn teleurstelling te verbergen. Dat begint dus meteen al goed. Ik ben gelukkig ook niet ondersteboven van Robert – die er verder prima en vooral gemiddeld uitziet met zijn 1,80 meter, normaal postuur, kort bruin haar en bruine ogen – dus zo hard komt zijn teleurgestelde blik nou ook weer niet aan. Het enige wat ik op dat moment denk is dat het lastig moet zijn, als je advocaat bent, wanneer je je pokerface zo slecht kan bewaren. Ik kan me natuurlijk ook omdraaien en weer weg gaan, maar ja, we zijn er nou toch, laten we dan maar wat gaan drinken.

We nemen plaats aan de bar en hij begint met me te vertellen dat hij een zere keel heeft en bang is dat hij ziek wordt, hij drinkt daarom geen alcohol. Ik vertel hem dat ik straks ga joggen – en dat doe ik ook – dus voor mij ook geen alcohol. We bestellen een Ginger Ale en een Coca Cola Light, in een champagnebar. Geweldig. Je kunt je voorstellen dat de barman even een wenkbrauw optrekt.

Robert en ik worstelen om een gesprek gaande te houden en verder dan hardlopen en politiek komen we niet

‘Klaar?’ vraag ik als ik mijn drankje op heb en hij het zijne bijna.

‘Ja.’ Hij slaat het laatste beetje cola achterover.

‘Oké. Dank je wel dat je de tijd hebt genomen om me te ontmoeten,’ zeg ik uitermate beleefd, want dat fatsoen heb ik dan wel.

‘Ja, dank je wel.’

‘Succes met die verkoudheid!’

‘Ja.’

‘Dag!’

Dus ja… ik heb een hele leuke champagnebar ontdekt, dat is het meest bruisende dat ik over deze date kan zeggen.