Anarchic Hand Syndrome

Er zijn mensen, meestal mannen, die na een paar biertjes ineens last krijgen van Anarchic Hand Syndrome. Je staat te praten met iemand, in de kroeg of tijdens een bedrijfsborrel, en je voelt iets tegen je heup, je bil of je been. De hand van de man naast je, is een eigen leven gaan leiden. Ik ken zo’n man, met zo’n hand. Een van mijn vriendinnen noemt hem Mr Hand en dan weten we meteen over wie we het hebben.

Anarchic Hand Syndrome is bijna hetzelfde als Alien Hand Syndrome en de patiënt heeft onder beide omstandigheden geen controle over wat de hand doet. Het verschil is dat de patiënt in het eerste geval wel degelijk de hand herkent als zijnde van hem of van haar, maar in het tweede geval niet. Dan voelt de hand als van een ander, alien dus. Anarchic Hand Syndrome is een groot probleem aan het worden. Misschien kunnen we zelfs spreken van een epidemie.

Natuurlijk is dit gekscherend bedoeld en heeft mijn verhaaltje weinig te maken met deze zeldzame neurologische aandoening en alles met alcohol en brutaliteit.

Ik zat in de F-lijn, één van de metrolijnen in New York. De coupés hebben lange banken aan weerzijden van de wagon, dus reizigers zitten tegenover elkaar. Het was laat op een zaterdagavond en ik was een beetje aangeschoten. De drie mensen tegenover mij ook, het waren een jongen, een meisje en een man. Het meisje van een jaar of vijfentwintig zat in het midden. Ze was in gesprek met de jongen naast haar. De man aan de andere kant, zat met zijn handen op zijn bovenbenen. Hij strekte zijn wijsvinger uit en streelde zachtjes het bovenbeen van het meisje. Ik vond het wel aandoenlijk. Haar vader, dacht ik, die teder contact maakte. Eén vinger werd twee vingers. Met twee vingers beroerde hij aarzelend, en heel traag, haar been. Hij keek er dromerig bij. Het meisje reageerde niet, ze keek niet op of om, maar praatte verder met de jongen. Minutenlang werd ik gebiologeerd door dit minuscule gebaar. De rest van hun lichaamstaal sloot er helemaal niet op aan. ‘Wat klopt er niet aan dit plaatje?’ vroeg ik me af.

Bij een volgende halte stonden de drie tegelijkertijd op. De man keek – zich zogenaamd van geen kwaad bewust – om zich heen en liep een andere kant op. Ze hoorden helemaal niet bij elkaar!

Zou Anarchic Hand Syndrome stand houden in een rechtszaal? Dan zullen veel mannen zich laten diagnosticeren, vermoed ik. Totale anarchie!

Kill your darlings: Andrew

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


 

Andrew

New York, april 2009

Andrew heeft een fantastisch gevoel voor humor in zijn mailtjes en dat vind ik aantrekkelijk. Ik zou heel graag mijn leven delen met iemand die me ontzettend kan laten lachen. Als twee oudjes, op een bankje bij de vijver, in mijn Tena lady plassen van het lachen. Dat is mijn droom.

Op zijn foto ziet hij er een beetje uit als een klassieke nerd en daar is helemaal niets mis mee, zeker niet als hij me kan laten lachen. Hij is blond, draagt een bril en heeft een normaal postuur. We ontmoeten elkaar op een vrijdagavond in de Stone Rose Lounge, op de vierde verdieping van het Time Warner Center, een winkel centrum op Columbus Circle. Columbus Circle ligt aan de zuidwestelijke hoek van Central Park.

Ik vind het lastig om de bar te omschrijven, het is een lounge, en het doet mij denken aan een moderne hotelbar. De bar geeft je in ieder geval een mooi uitzicht over Columbus Circle en Central Park.

Bron: www.stoneroselounge.com
Bron: http://www.stoneroselounge.com

Andrew en ik staan aan de bar, in een nog bijna lege zaak. Ik heb Andrew gewaarschuwd: ik heb alleen maar tijd voor een drankje, misschien twee, want ik heb afgesproken met mijn logés uit Nederland voor het diner. We hebben een leuke conversatie, maar ik merk al snel dat hij erg enthousiast wordt over de mogelijkheden tussen ons, en ik niet. Ik heb al besloten dat dit hem niet gaat worden voor mij. Er is iets met het merendeel van de Amerikaanse mannen van zijn leeftijd – eind dertig – wat mij afstoot: ze horen zichzelf ontzettend graag praten, maar wat er uit komt is niet per definitie de moeite waard om naar te luisteren. Ze vinden zichzelf geweldig, in de piek van hun leven, hebben nog weinig tegenslag ondervonden en vloeken – zeker Andrew – veel meer dan mij lief is. Ik houd helemaal niet van vloeken, ik vind het onnodig agressief en negatief. Zo grappig vind ik Andrew in levenden lijve dus helaas niet. Daar gaat mijn Tena lady droom.

Wanneer Andrew een verhaal vertelt over aanraken, voelen en betasten, neemt hij zijn kans waar: hij zet zijn verhaal kracht bij door met de volle hand mijn bil beet te pakken. Ik ben perplex, ik ben gechoqueerd, maar ik doe op dat moment niets. De verontwaardiging komt bij mij pas veel later. Tegen de tijd dat ik weer thuis ben, roep ik tegen mijn visite: ‘Weet je wat hij deed?!’

Maar goed, na twee drankjes vertel ik Andrew dat ik moet gaan. We lopen naar de metro. Zijn station is een andere dan de mijne, en dichterbij, dus daar zeggen we gedag. Hij zet zich schrap door zijn voeten verder uit elkaar te zetten, hij staat er stoer bij. Hij trekt me, met een arm om mijn middel, naar zich toe en begint me te zoenen. Hoppa, vol op de mond. Dikke, natte tong erbij en alles. Hij vindt dat hij zich dat kan veroorloven, ik heb immers zijn hand ook niet van mijn bil afgeslagen en wellicht heb ik de verkeerde signalen afgegeven, maar ik duw hem nu toch vriendelijke doch dringend van me af.

‘Ik moet gaan,’ zeg ik.

‘Ik hoop dat we elkaar weer kunnen ontmoeten,’ zegt hij met een zelfgenoegzame grijns, ‘ik mail je morgen.’

‘Ja, oké Andrew. Fijne avond.’ Ik maak me vlug uit de voeten.

Eerlijk is eerlijk, Andrew didn’t stand a chance : na Xavier* is Andrew als een glas bier na een voortreffelijk glas champagne. En ik houd niet eens van bier.

(*Xavier is een verrukkelijke Fransman, die ik de avond ervoor ontmoet heb. Voor dat verhaal verwijs ik je naar mijn boek. Teaser!)

Kill your darlings: Personal trainer

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Personal trainer

New York, juli 2009

Op vrijdag heb ik een date staan met Mike om een koffie te drinken tijdens een late lunchpauze. We spreken af in Le Pain Quotidien op de hoek van 8th Street en 5th Avenue, vlak bij Washington Square Park. Le Pain Quotidien is een keten, met meerder vestigingen in New York en over de wereld, waaronder ook in Amsterdam. Aanrader!

Mike is een bijzonder lekker ding. Zo’n man waar je je tanden in wilt zetten. Hij is bijna twee meter lang en bijna net zo breed. Echt een stuk, een spetter. Denk aan een knappe Amerikaanse rugby speler, of American football speler moet ik zeggen, met Amerikaanse trekken zoals een brede kaaklijn, licht blauwe ogen en donker haar. Hij komt overigens uit Texas.

Ik ben dus erg enthousiast over zijn uiterlijk, de foto’s beloven een bijzonder aangename ontmoeting, maar naarmate we meer en meer corresponderen begin ik een beetje te twijfelen aan zijn intelligentie en ik word toch wel erg opgewonden van iemand met hersens. Bovendien is hij eigenlijk op zoek naar iemand die in shape is en dat ben ik dus duidelijk niet. Maar goed, we ontmoeten elkaar dus hij vindt mij blijkbaar voldoende in shape en ik ben deze keer erg oppervlakkig: ik ga puur op zijn uiterlijk af.

Gelukkig blijkt dat ik het weer helemaal mis heb; er zit een prima stel hersens op en het is ook nog eens een bijzonder aardige man. Hij is enorm, maar niet alleen maar spieren, gewoon lekker massief. Er zit best een isolatielaagje omheen, net als bij mij. Mike is een personal trainer, maar niet – zoals ik in eerste instantie dacht – alleen voor de sportschooljunkies, maar ook bij mensen thuis, mensen die moeten revalideren bijvoorbeeld en hij doet aan gymnastiek voor ouderen. Hoe schattig is dat?!

Hij is in de veertig, halverwege schat ik. Een aantal jaren geleden is Mike zijn eigen koffiezaak begonnen, maar door de recessie ging het helaas op de schop. Nu is hij hard bezig alles af te betalen. Hij vertelt het zonder wroeging en hij praat met heel veel passie over koffie. Leuk.

Na de koffie, die bij Le Pain Quotidien echt heerlijk is, gaan we ieder weer onze eigen weg. Buiten, voor de ingang geeft hij mij een stevige knuffel, een volle kus op mijn mond, pakt me bij mijn pols en kijkt me diep in mijn ogen.

‘E-mail me,’ zegt hij dwingend.

‘Doe ik,’ antwoord ik terwijl ik langzaam in een natte dweil verander.

Het is er vreemd genoeg nooit van gekomen, dat mailtje. Stom he? Ik weet ook niet waarom niet. Hij had me toch zó op het aanrecht gezet, zei hij. Hhhguh.. (schaapachtig lachje).

Ik houd mezelf maar voor dat sommige ervaringen in je fantasie zoveel fantastischer zijn. Soms is de verzonnen versie zo heerlijk, dat je het niet wilt vertroebelen met de werkelijkheid. Slap excuus, maar that’s my story and I’m sticking to it!

Ik denk nog wel eens aan Mike. Aan dat enorme lijf, die kracht, de hand om mijn pols en zijn blik. Dan glimlach ik tevreden met alles wat had kunnen zijn. De herinnering is het enige paradijs waaruit wij niet verdreven kunnen worden, zei iemand ooit tegen mij. Dat geldt ook voor de fantasie.

Kill your darlings: Looks good on paper

Het vorige ‘kill your darlings’ verhaal is goed ontvangen. Jullie vonden het leuk om te lezen, vernam ik uit verschillende hoeken. Dat is mooi, want dit zijn de verhalen zijn die de selectie niet gehaald hebben, dus hopelijk halen jullie nog meer plezier uit de verhalen in mijn boek!

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


 

Looks good on paper

New York, maart 2009

Neil is manager van een klein bedrijfje in het Financial District wat iets doet met games voor mobiele telefoons. Neil, of beter gezegd zijn bedrijf, huurt tijdelijk een gruwelijk duur appartement in het Financial District, maar hij woont officieel nog in North Carolina. Daar wonen ook zijn ex-vrouw en zijn kinderen. Neil gaat op zoek naar een permanent appartement in New York en zal dan regelmatig op en neer reizen. North Carolina is voor Amerikaanse begrippen echt om de hoek. Dat kun je in zo’n 9 uur aanrijden, dat is niets.

bron: clipartbest.com
bron: clipartbest.com

Neil ziet er veelbelovend uit op papier: een grote, lange man, echt een boom van een vent – zo eentje waar je in wilt klimmen – en dat vind ik fijn, want ik ben een huis van een vrouw. Hij is aantrekkelijk op een Amerikaanse, tikkeltje conservatieve, manier.

We ontmoeten elkaar voor het gebouw – zo’n enorme skyscraper – waar hij zijn tijdelijke flat heeft. We vinden een bar in de buurt en daar komen we er al snel achter dat het toch niet helemaal klikt. Neil is een aardige man, maar erg gespannen en begint onder andere met me te vertellen dat hij erg perfectionistisch. Ik weet niet zo goed wat ik met die opmerking aan moet. Ik bestel een glas wijn en hij een cola.

‘Ik drink bijna niet meer,’ vertelt hij, ‘want ooit dronk ik vier flessen wijn op een dag.’

‘Oké…’ antwoord ik. ‘Wauw.’

‘En verder,’ voegt hij er aan toe, ‘heb ik ADD, Attention Deficit Disorder, waar ik medicijnen voor slik en dan kan ik beter geen alcohol drinken.’

‘Oké…’

Dit is allemaal heel eerlijk, begrijpelijk en menselijk, maar tegelijkertijd niet bijzonder aantrekkelijk voor een eerste date. Ik zou niet beginnen met deze informatie, bijvoorbeeld. Bovendien is het erg rumoerig in de bar; we moeten veel moeite doen om elkaar te verstaan en om onszelf verstaanbaar te maken. Dat helpt de situatie natuurlijk ook niet.

Na het eerste drankje stelt hij voor dat we verkassen, hij neemt me mee naar een wijnbar in de buurt. Het is een mooie zaak en veel rustiger, maar de schade is al aangericht.

‘We hadden hier meteen naar toe moeten gaan,’ merkt hij terecht op. Hij neemt nu toch een glas wijn, maar moet na twee slokken ‘plotseling’ weg om vrienden te ontmoeten voor het diner. Oké… Twijfelachtige exit.

Hij rekent af. Ik besluit nog even te blijven om mijn drankje op te drinken. Een beetje verbluft kijk ik, door de grote glazen gevel, toe hoe hij een taxi aanhoudt, instapt en verdwijnt. Het enigszins stormachtige komen en gaan van Neil die er op papier toch zo veelbelovend uitzag.

Kill your darlings: Niet zo bruisend

Er zijn ook veel verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Niet zo bruisend

New York, januari 2009

Ik heb een hele leuke champagnebar ontdekt. Dat is het meest positieve dat ik over deze date kan zeggen. De bar heet Flute en zit op 40 East 20th Street in New York. Het is een donkere zaak en je waant je in een andere tijd zodra je binnenstapt. Het doet me denken aan de jaren ’20, met een Art Deco interieur, kleine nisjes, leren fauteuils en rood pluche banken. En veel champagne uiteraard.

De date heet Robert en hij is advocaat. We hebben al snel afgesproken om wat te gaan drinken, ook al hebben we nog maar weinig contact gehad via de e-mail of de telefoon. Dat was misschien een vergissing, misschien hadden we wat meer tijd in de voorbereiding moeten steken.

Ik kom aanlopen en ik ben duidelijk niet wat Robert had verwacht. Ik vermoed dat hij mijn profiel – het gedeelte van ‘grote vrouw’ en ‘echte Viking’ – niet gelezen heeft. Robert doet weinig zijn best, of is er niet goed in, om zijn teleurstelling te verbergen. Dat begint dus meteen al goed. Ik ben gelukkig ook niet ondersteboven van Robert – die er verder prima en vooral gemiddeld uitziet met zijn 1,80 meter, normaal postuur, kort bruin haar en bruine ogen – dus zo hard komt zijn teleurgestelde blik nou ook weer niet aan. Het enige wat ik op dat moment denk is dat het lastig moet zijn, als je advocaat bent, wanneer je je pokerface zo slecht kan bewaren. Ik kan me natuurlijk ook omdraaien en weer weg gaan, maar ja, we zijn er nou toch, laten we dan maar wat gaan drinken.

We nemen plaats aan de bar en hij begint met me te vertellen dat hij een zere keel heeft en bang is dat hij ziek wordt, hij drinkt daarom geen alcohol. Ik vertel hem dat ik straks ga joggen – en dat doe ik ook – dus voor mij ook geen alcohol. We bestellen een Ginger Ale en een Coca Cola Light, in een champagnebar. Geweldig. Je kunt je voorstellen dat de barman even een wenkbrauw optrekt.

Robert en ik worstelen om een gesprek gaande te houden en verder dan hardlopen en politiek komen we niet

‘Klaar?’ vraag ik als ik mijn drankje op heb en hij het zijne bijna.

‘Ja.’ Hij slaat het laatste beetje cola achterover.

‘Oké. Dank je wel dat je de tijd hebt genomen om me te ontmoeten,’ zeg ik uitermate beleefd, want dat fatsoen heb ik dan wel.

‘Ja, dank je wel.’

‘Succes met die verkoudheid!’

‘Ja.’

‘Dag!’

Dus ja… ik heb een hele leuke champagnebar ontdekt, dat is het meest bruisende dat ik over deze date kan zeggen.

Welkom

Een nieuw jaar gaat straks van start en met dit jaar ook mijn blog.

Wie ben ik, en wat mag je verwachten? Het laatste is makkelijker te beantwoorden: Je mag onder andere een column verwachten. Een column zonder een specifiek thema zoals mode of muziek. Ik ben vaak op reis, dus ik zal met regelmaat schrijven over dingen die mij onderweg gebeuren of opvallen. Anekdotes. Misschien dat ik af en toe een oud gedicht zal plaatsen, een recente foto, een brandende vraag, of een favoriet recept. Hoogstwaarschijnlijk zal ik vast een aantal stukken uit mijn boek plaatsen en dat brengt me bij wie ik ben:

Diana Albrink. Aangenaam. Toonbeeld van Hollands welvaren en heel hard op weg naar de 40 (een kwestie van weken).

Lang, lang geleden heb ik een papiertje meegekregen waarop staat dat ik International Marketing Manager ben en die ambitie streef ik op werkdagen na. Buiten kantooruren schrijf ik onder andere. In de loop van 2014 heb ik een manuscript afgerond met de titel: New York in 40 dates. Het boek wordt in het voorjaar van 2015 uitgegeven door Singel Uitgevers. Dat is de planning. Via deze site kun je het proces stap voor stap volgen, maar ik wil mezelf hier – middels een wekelijks stukje – alvast aan je voorstellen en je een voorproefje geven van het boek dat straks in de boekhandel ligt.

Alvast een goede jaarwisseling!

Liefs,

Diana