Kill your darlings: Vikingen onder elkaar

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Vikingen onder elkaar

New York, Mei 2010

Op mijn favoriete dating website ben ik niet bepaald verlegen. In het echte leven trouwens ook niet. Ik ben vaak degene die het eerste contact maakt. Laat ik dat anders zeggen; van de mensen die ik ontmoet via de dating site, ben ik vaak degene die het eerste contact maakt. De mannen die met mij contact opnemen zijn meestal niet de mannen die ik wil ontmoeten.

De aanleiding om iemand een berichtje te sturen is vaak omdat iets in hun profiel mij aanspreekt. Een leuke foto, een leuke tekst, een pakkende slogan. Daar reageer ik dan op, niets is namelijk zo dodelijk als te beginnen met alleen ‘Hi’ of ‘How are you?’

Bij Paul was zijn haar de aanleiding. Hij heeft precies hetzelfde haar als ik – blonde krullen – maar dan veel langer. ‘Hé, je hebt mijn haar!’ schreef ik hem en zo begon het.

VikingenHij las mijn profiel en moest erg lachen om de Viking-referentie omdat hij een actief, virtueel tweede leven leidt op Second Life en daarin De Viking speelt. Dat ik dat weet vind ik dan weer jammer (excuses aan alle Second Life liefhebbers), ik vind het namelijk niet bijzonder sexy als iemand zijn echte leven vult met het creëren van een virtueel leven. Maar oké, ik denk dat je vooral moet doen waar je zin in hebt. Ik hoef het ook niet aantrekkelijk te vinden.

In het eerste, originele leven is Paul een fotograaf. Hij is in de vijftig en woont zowel upstate New York – dus ten noorden van de stad New York, in de staat New York – als in Connecticut. Pendelt naar gelieve.

We spreken af om op een zondagochtend een stuk door Prospect Park te wandelen en over Greenwood Cemetery. Zo gezegd, zo gedaan.

Buiten het feit dat hij heel lang blond krullend haar heeft, is er eigenlijk niets wat er uitspringt bij hem. Het is een vriendelijke man van gemiddelde lengte, iets meer dan gemiddelde omvang met misschien een opmerkelijk detail: naast Second Life is hij erg actief in de wereld van BDSM wat volgens Wikipedia staat voor Bondage and Discipline (BD), Dominance and Submission (DS) en Sadism and Masochism (S&M or S/M).

Aha.

Klein detail tot je vastgebonden op bed ligt met zo’n kegel in je mond.

Nou zijn de geheimen van de slaapkamer (gelukkig) doorgaans niet af te lezen aan mensen, maar bij Paul verrast het me toch. Het is een heel volgzaam type. Het type koddig, buikje, wollen sokken in sandalen. Niet dat dat wat zegt natuurlijk, maar je begrijpt me vast wel. Ik kan me er gewoon geen voorstelling bij maken.

Na een tijd gewandeld te hebben door het park en over de begraafplaats – echt een bezoekje waard – krijgen we een behoorlijke trek. Mijn appartement is om de hoek dus ik stel voor een omelet te maken, wat hij niet afslaat. Hij denkt ongetwijfeld dat dit een uitnodiging is tot ‘meer’, maar dat is niet mijn intentie en hij is gelukkig erg voorzichtig met de avances. Dat doet hij overigens erg subtiel moet ik zeggen; de indruk geven dat je er voor open staat, maar niets doen of zeggen wat een afwijzing kan riskeren.

Ik maak een omelet voor ons klaar, serveer hem een eenvoudige doch voedzame late lunch, kijk daarna op de klok en meld heel romantisch dat ik naar de wasserette moet. Hij neemt afscheid met een genereuze uitnodiging om langs te komen in een van zijn stulpjes. Heel attent, maar iets wat er in geen van zijn levens van zal komen.

Slurp je slank, drink je dunner

Vorige keer hebben we afgesloten, deze week beginnen we met een nieuw jaar.

Frisse moed, nieuwe kansen, schone lei.

Allemaal onzin natuurlijk, want waarom zou de ochtend van 1 januari anders zijn dan welke andere ochtend die je gegeven is? Maar het geeft niet: het werkt. Het placebo-effect. 1 januari is voor veel mensen een goede dag om ergens mee te beginnen of juist te stoppen en als dat voor mensen werkt, dan moeten we dat vooral zo laten.

Uiteraard, in de top drie van goede voornemens: tijd voor veel mensen om af te vallen. Ik ben in januari jarig en zo lang als ik me kan herinneren wordt taart op mijn verjaardag niet gewaardeerd! Als je nou in november jarig bent, dan is iedereen de zomer en de traumatische zwemkleding al weer vergeten, weet iedereen dat het in december toch hopeloos is, en wordt het buiten al weer flink koud, dus: ‘kom maar op met die zoetigheid en hartigheid. Volgend jaar gaan we weer aan de lijn.’ Niet op mijn verjaardag.

Over dat afvallen; ik heb al vaker wat afvaltips geplaatst, maar vandaag ga ik je één hele simpele tip geven, een doodeenvoudige regel. Als je je daaraan houdt dan ben je al een heel eind op weg. Dat klinkt als zo’n vervelende facebook reclame aan de rechterkant van je pagina, maar goed, ik meen het serieus:

Haal geen calorieën uit je drankjes.

Wat?

Zorg dat je geen calorieën drinkt.

Geen melk, geen fruitsapjes, geen frisdranken (ook zeker geen zogenaamde ‘zero’ varianten), geen alcohol, gewoon, géén vloeibare calorieën.

Ik houd mijn calorieën bij – zo ben ik onder andere de afgelopen 18 maanden 30 kilo kwijtgeraakt – en als je moet gaan beknibbelen op je calorieën, dan is het echt zonde deze te spenderen aan bijvoorbeeld frisdrank want het vult niet meer of minder dan een glas water of een beker thee. Je lichaam heeft meer aan een appel dan aan een cappuccino.

Drink voldoende, maar ook niet teveel! (maximaal drie liter per dag). Drink ongezoete (kruiden)thee, drink zwarte koffie (met mate) en drink vooral water. Gelukkig vind ik zelf water heerlijk en heb ik nooit veel met frisdrank gehad, maar als je er echt niets aan vindt, aan water of thee: het internet staat vol met leuke ideeën om je karaf een beetje ‘op te leuken’ met mint, met lavendel, met komkommer, met citroen, met aardbeien, en ga zo maar door. De mogelijkheden zijn eindeloos. Ik denk dat de gemiddelde Nederlander al snel 400 tot 500 calorieën per dag kan besparen door zich aan dit ene goede voornemen te houden.

400 tot 500 calorieën … Ik ontbijt voor minder!

Toch weer mooi meegenomen.

Strawberry-Lime-Cucumber-and-Mint-Water-54health
Bron:

https://54health.com/food-and-drinks/detox-water

Aan alles komt een eind

Lieve lezers: een goede jaarwisseling gewenst, en al het goede voor 2016!

Het is leuk dat jullie zo enthousiast zijn, maar het was natuurlijk niet de bedoeling dat jullie massaal de Literaire Juweeltjes zouden gaan inslaan. Hemel en aarde heb ik bewogen om het laatste deel van 2015 te kunnen bemachtigen, uiteindelijk via de Bruna in Laren!

Inmiddels kan ik je wel, redelijk accuraat, vertellen waar je zoal Bruna winkels in Nederland kunt vinden. Dat is dan weer handig voor een volgende keer.

Deze december uitgave, geschreven door Hans Dorrestijn, wilde ik erg graag hebben omdat ik Hans heb mogen ontmoeten. Dan ontwikkel je toch direct een zwak, of een voorkeur, voor iemand; iemand die je hebt gezien, gehoord, gevoeld (hand schudden) en geroken (onbewust).

Het ging als volgt:

Eind februari van dit jaar (2015), mocht ik naar de studio van Koos Breukel om mijn auteursportret te laten maken (zie het portret bovenaan dit blog). Singel Uitgeverijen was sinds een aantal maanden zelfstandig en had Koos Breukel gecharterd om iedereen in dezelfde sfeer vast te leggen voor de nieuwe website.

Koos Breukel is nou niet bepaald de minste, hij maakt prachtige Rembrandt-achtige portretten, het liefst (naar eigen zeggen) van mensen met een handicap. Zo heeft hij foto’s gemaakt voor de brandwonden stichting, en van mensen die blind of gedeeltelijk blind zijn. Hij vindt juist de imperfectie zo mooi (zei hij toen ik vroeg of hij het wondje op mijn kin zou willen retoucheren). Daarnaast heeft hij veel bekende Nederlanders geportretteerd en heeft de staatsieportretten van Willem-Alexander en Koningin Máxima mogen maken.

Zelf is Koos een heerlijke nuchtere man die zijn schouders ophaalt over dit alles en alleen maar bezig is met zijn kunst, niet met alle media aandacht daaromheen.

Hij heeft een fijne studio in de Schinkelbuurt in Amsterdam. Ik zeg fijne studio omdat het een glazen dak heeft en er dus veel daglicht binnenkomt, dat geeft al meteen een prettige sfeer.

Ik kom op die dag in februari de studio binnen en wordt welkom geheten door een uiterst vriendelijke, mannelijke assistent. Die dagen is het lopende-band-werk bij Koos, de uitgeverij heeft hem en zijn studio volgens een strak schema volgeboekt. Ik hoor en zie de flitsen vanuit de achterkamer komen.

‘Mag ik kijken?’ vraag ik aan de assistent.

‘Natuurlijk. Hans Dorrestijn wordt nu gefotografeerd.’

Ik loop naar achteren. Na nog een paar foto’s zijn ze klaar, ik schud beide heren de hand.

‘Kan ik een taxi voor je bellen, Hans?’ vraagt Koos.

‘Nee, mijn chauffeur komt mij zo halen.’

Koos en ik kijken elkaar aan.

‘Chauffeur,’ zeg ik. ‘Zo!’

Hans lacht een beetje gegeneerd. ‘Uit pure noodzaak hoor,’ zegt hij, ‘ik kan niet rijden. Ik heb geloof ik wel zeven keer afgereden. Toen heb ik het maar opgegeven.’

Koos en ik lachen nu ook.

‘Ik word er zo zenuwachtig van. De laatste keer heb ik een paar valiumpillen ingenomen en mijn vrouw is achter ons aangereden om te kijken hoe het ging. Ze zei me later dat het goed ging, maar toch was ik weer gezakt.’

‘Misschien waren de valiumpillen niet zo’n goed idee, Hans,’ zeg ik erg bijdehand.

Hans wordt opgepikt door zijn chauffeur. Ondertussen komt er een weinig sympathieke vrouw binnen met koffers. Het blijkt de styliste te zijn van Stella Bergsma. (Chauffeur, styliste. Doe ik toch iets niet goed, denk ik.) De kinderen van Koos komen uit school en komen hun vader even gedag zeggen.

Ik mag plaatsnemen op de kruk, onder de lampen.

Stella is inmiddels binnengekomen en blijkt zelf een ontzettend vriendelijke en attente jonge vrouw. Het boek van Stella (Pussy album) verschijnt in februari 2016.

Herman Clerinx is overgekomen uit België en kijkt vanaf de zijlijn rustig toe, kop koffie in de hand, hoe de vrouwen druk in de weer zijn met poseren, kleding en make-up.

Ik ben binnen twee minuten klaar, of Koos is binnen twee minuten klaar met mij moet ik zeggen. Een compliment natuurlijk, maar ik vind het wel jammer. Het is hier erg gezellig en ik zou nog wel wat langer willen blijven. Maar ja, aan alles komt een eind.

Ook aan 2015! Nogmaals: een goede jaarwisseling en al het goede voor 2016!

Árboltarier

Ik wil liever positieve dingen plaatsen, maar deze week ga ik dan toch even mijn gal spuwen.

Ik heb een hekel aan de decembermaand!

Zo, het hoge woord is eruit.

December is te koud, het is te donker. De laatste dagen voor de zonnewende, de dagen die zo heel kort zijn, vind ik verschrikkelijk. Als de kortste dag (21 of 22 december) is geweest en we weer de goede kant opgaan, dan gaat het wel weer. Tot de zomerwende, want dan denk ik: oh nee! De dagen worden weer korter. Maar goed, dat zien we over zes maanden dan wel weer.

Dan word je dik van de decembermaand want er zijn veel te veel verleidingen in de vorm van suiker, chocolade, etentjes en alcohol, en daar komt bij: geen tijd en geen zin om naar de sportschool te gaan.

Het is natuurlijk een dure maand. Dan komen wij er in Nederland nog ontzettend goed vanaf. Het boekje (een roman) ‘Skipping Christmas’ van John Grisham geeft een lekkere satirisch kijk op de kosten die de Kerst voor de Amerikanen meebrengt. Onvoorstelbaar.

En dan krijgen we half december het kerstkaarten dilemma. Elk jaar ben ik weer te laat met mijn kerstkaarten, en elk jaar neem ik me voor het volgende keer anders te doen (elk jaar neem ik me ook voor om het gewoon helemaal niet meer te doen, maar dat durf ik dan weer niet). Elk jaar heb ik weer een verlammende ‘social angst’: wie moet ik een kerstkaart sturen? Ben ik iemand vergeten? Is dat stel nog wel bij elkaar? Et cetera.

‘Het feest van de lichtjes,’ zeggen mensen dan. ‘Dat is toch gezellig?’

Gezellig?! Gezellig?! Vind je dit gezellig? Luister en huiver: een frisse jonge dennenboom heeft jarenlang haar takken verlangend naar de zon gestrekt, heeft met haar wortels de aarde omwoeld op zoek naar levenssappen, om vervolgens begin december oneerbiedig te worden neergehaald. WHAM! Haar halsslagader bruut doorgesneden, haar nog fris geurende groene lijf in netten verpakt en zodra Sinterklaas en zijn hofhouding weer op de boot zitten, liggen de karkassen opgestapeld in de supermarkt en op de markt. Een paar weken lang staat haar ranke lijfje dan, op macabere wijze versierd, in een muffe woonkamer, tot ze begint te rotten en ze haar naalden loslaat…

Als klein meisje werd ik al immens droevig bij het zien van de naalden op de grond, aan de voet van de kerstboom. Elke dag verloor ze er weer meer dan de dag ervoor. Ik wist het al op jonge leeftijd: ik word árboltarier! Als ik groot ben, zal ik nooit een kerstboom nemen.

Literaire Juweeltjes

In het begin van het jaar heb ik mezelf voorgenomen om 50 boeken te lezen in 2015 (Hebban is begonnen met de 2016 Reading Challenge, maar ik was ze mooi voor). Ik wilde voornamelijk Nederlandse schrijvers gaan lezen, want ik merkte dat ik de laatste jaren (onder andere vanwege mijn tijd in New York) vooral veel Engelstalige boeken heb gelezen, iets wat tijdens het redigeren van mijn eigen boek duidelijk naar voren kwam; mijn anglicismen.

Nederlandse schrijvers dus. Niet ‘Nederlandse boeken’, want ik lees liever in de taal van de schrijver en geen vertalingen. Ik ben namelijk erg geïnteresseerd in wat de schrijver gedaan heeft.

(Funny story: ik dacht dat Tatiana de Rosnay een Française was dus ik heb “Elle s’appelait Sarah” (“Haar naam was Sarah”) in het Frans doorgeworsteld om aan het eind in de flaptekst te lezen dat het uit het Engels vertaald was!)

Terug naar mijn missie van 50 boeken lezen in 2015: afgelopen januari heb ik dan ook voor mijn verjaardag boeken gevraagd, aan de hand van een lijst van bol.com. Geweldig! Stapels boeken, heerlijk! En heel handig zo’n verlanglijstje wat je kunt delen en wat mensen dan kunnen afstrepen.

Maar goed, van de zomer kwam ik er achter dat ik die 50 boeken ‘never nooit niet’ zou gaan halen. Genoeg boeken, maar te weinig tijd. Ik ben gaan smokkelen. Ik geef het direct toe. Maar smokkelen op een hele leuke, een leerzame manier, vind ik. Ik heb namelijk de Literaire Juweeltjes van B for Books van Bruna ontdekt. Het zijn hele kleine boekjes, van circa 60 pagina’s, en sinds 2006 komt er maandelijks een nieuw boekje op de markt. Eigenlijk zijn het korte verhalen. Soms zijn het meerdere korte verhalen of columns. Precies goed om in de trein van Dordrecht naar Amsterdam te lezen. De Literaire Juweeltjes zijn altijd van Nederlandse auteurs dus het is een hele leuke manier om verschillende schrijvers van eigen bodem te ‘proeven’.

Ze kosten 1,50 EUR in de winkel en zijn doorgaans alleen los te verkrijgen in de Bruna boekenwinkels. Sommige andere boekenwinkels kopen ze ook in, maar zij kunnen ze alleen per 10 stuks krijgen, en niet elke boekhandel heeft daar zin in natuurlijk.

Ik ben begonnen met grote partijen op te kopen via Marktplaats. Dan gaat het hard. Heerlijk zo’n verzameling. Verslavend om ‘m compleet te krijgen ook. Inmiddels heb ik ze allemaal op eentje na: Joris Luyendijk – Islam voor beginners (mei 2012). Mocht iemand van jullie ‘m hebben, ik houd me aanbevolen!

Literaire Juweeltjes

Pompoenschotel met geitenkaas

Vandaag is het op de kop af zeven jaar geleden dat ik ben gestopt met roken. Ik dacht dat het zes jaar was, maar een herinnering in mijn telefoon feliciteerde me met ‘7 jaar rookvrij’. Zo zie je maar: de tijd vliegt!

Maar heb je het ook gehoord? ‘Vlees is het nieuwe roken!’

Wel potverdorie!

Die kreet is niet nieuw overigens en het gaat hier ook niet om alle soorten vlees, maar vooral om ‘bewerkt vlees’. Wat mij betreft mag al het ‘bewerkt eten’ op de zwarte lijst van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), maar dat even terzijde.

Wat je ook over vlees / de vleesindustrie denkt, hier kunnen we het vast allemaal over eens zijn: Het kan helemaal geen kwaad om af en toe vegetarisch te eten. Toch?

Ik ken veel vegetariërs. Hele aardige mensen. Je zou op het eerste gezicht nooit vermoeden dat ze geen vlees eten. Sommige van mijn beste vrienden zijn vegetariërs. Ik heb zelfs vegetariërs in de familie!

Maar alle gekheid op een stokje; ik merk dat ik steeds vaker vegetarisch kook voor mezelf. Vaak zelfs veganistisch op een klein klontje boter na. Liever koop ik minder vaak, maar beter vlees (lees: diervriendelijker).

Mijn vegetarische visite vroeg laatst gekscherend, nadat ik het hoofdgerecht serveerde: ‘En? Was het eng?’ Waarmee ze doelde op vegetarisch koken. Het recept wat ik haar en haar noodgedwongen, gelegenheids-vegetarische partner heb voorgeschoteld staat hieronder.

Ik wil het recept graag met jullie delen omdat het heerlijk is, ontzettend makkelijk, van tevoren te bereiden is en omdat het ook uitstekend mee te nemen is naar het werk om het daar op te warmen voor de lunch.

Alle credits voor de Allerhande, daar komt het recept oorspronkelijk vandaan: Pompoenschotel met geitenkaas

Men heeft nodig: (voor 4 porties, ca. 410 kcal per portie)

  • 1 biologische pompoen
  • 1 biologische courgette
  • 2 tenen knoflook
  • 1 ui
  • 2 el kokosolie (of andere olie als je niet van kokosolie houdt)
  • 2 blikken (à 400 g) kikkererwten
  • 400 g tomatenblokjes (blik)
  • 2 tl gemalen komijn (djinten)
  • 1 tl gemalen kaneel
  • 2 kaneelstokjes
  • 1 mespunt cayennepeper
  • 150 g zachte geitenkaas

Was de pompoen grondig, met een schuursponsje. Schil grove onregelmatigheden van de schil. Snijd de pompoen in vieren, verwijder de pitten en zaadlijsten en snijd het vruchtvlees in blokjes (ik gebruik inderdaad ook de schil van de pompoen, deze wordt net zo zacht als het vruchtvlees). Was de courgette en snijd deze in grove stukken. Snijd de knoflook fijn en snipper de ui. Laat de kikkererwten uitlekken en spoel ze af (dat schijnt te helpen tegen de winderigheid!).

Smelt de olie in een pan met dikke bodem. Fruit de ui en knoflook. Voeg de pompoen, courgette, kikkererwten, tomatenblokjes, komijn, cayennepeper, kaneel en kaneelstokje toe.

Schep het geheel goed om. Voeg zout en peper naar smaak toe. Laat het gerecht met deksel op de pan zacht stoven tot de pompoen zacht is (30-45 minuten laat ik het meestal op staan). Schep af en toe om. Schep het gerecht op borden of in een schaal, verbrokkel de geitenkaas en strooi het over het gerecht.

Enjoy!

img_063105_445x297_JPG
Bron: http://www.ah.nl

Imagine

Strawberry Fields is een traanvormig stuk van Central Park in New York. Het is een eerbetoon aan John Lennon. Hij woonde met zijn vrouw Yoko Ono  in het gebouw aan de overkant, Dakota Apartments, en is daar in 1980 – bij de ingang naar de binnenplaats – neergeschoten. Ik vertel het maar even, want er zijn tieners, geboren in deze eeuw, die wellicht niet weten wie John Lennon was.

In het midden van Strawberry Fields is een groot rond mozaïek aangelegd, met het woord Imagine in het midden, naar het gelijknamige nummer van John Lennon.

Elke dag lopen honderden toeristen langs deze gedenkplaats, staan dan even stil, denken aan John Lennon en horen ongetwijfeld de tekst van het nummer ‘Imagine’ in hun hoofd, zeker in deze dagen.

Imagine there’s no countries

It isn’t hard to do

Nothing to kill or die for

And no religion too

Imagine all the people

Living life in peace…

 

You may say I’m a dreamer

But I’m not the only one

I hope someday you’ll join us

And the world will be as one 

 

Strawberry FieldsRondom het mozaïek staan bankjes. Een van de banken is opgeëist door een man, een man met een hond. Ik weet niet hoe hij heet, maar voor het gemak noem ik hem Fred.

Fred heeft lang, dunnend en grijzend haar. Hij draagt een dikke groene legerjas, welke op de borst bijna compleet bedekt is met buttons. De hond is donkerblond, van het type middelgroot vuilnisbakkenras en draagt een grote rode zakdoek als sjaaltje om zijn nek. Om Fred en de hond heen staan een rugzak en een paar uitpuilende boodschappentassen. Het is je niet moeilijk voor te stellen dat Fred dakloos is. Hij is er altijd als ik langs Strawberry Fields kom. Hij woont hier.

Het mozaïek is elke dag weer keurig versierd met bloemen. Fred heeft de taak op zich genomen om de offers van de toeristen bij te houden, te rangschikken, uit te stallen, te reguleren. Meestal zit hij op zijn bank en bekijkt de mensen die foto’s nemen en hun hoofd buigen bij de gedenkplaats. Soms praat hij met de persoon die toevallig naast hem is neergestreken. Een keer stond hij bij de cirkel en sprak de mensen toe. Fred legde aan de mensen uit wie John Lennon was en wees naar de bovenste verdieping van het gebouw aan de overkant.

‘Daar, op de bovenste verdieping, de verdieping met het terras rondom, daar woont Yoko Ono nog steeds.’

Ik vraag me af of Yoko Ono ooit wel eens naar buiten kijkt, naar Strawberry Fields en naar al de toeristen die daar 35 jaar later ‘Imagine’ afspelen in hun hoofd.

Ik stel me voor dat ze soms Strawberry Fields bezoekt, stilletjes in het holst van de nacht. Fred ligt daar op zijn bank te slapen, de hond naast hem op de grond.

Yoko heeft naar buiten gekeken; er is niemand te bekennen. Het is een milde nacht. Ze heeft een lange dunne jas aangetrokken, haar hoed opgezet. Ze passeert de knikkebollende portier, steekt de binnenplaats over. Het geluid van haar voetstappen weerkaatst tegen de muren, het klinkt hol in de stille nacht. Ze loopt onder de poort door waar haar man is neergeschoten. Ze steekt Central Park West over, ter hoogte van West 72nd Street en loopt Central Park in.

Ik stel me voor dat ze voorzichtig loopt, dat ze Fred en zijn hond niet wakker wil maken. Ze wil een paar minuten alleen zijn, alleen met de nagedachtenis aan haar John. Ik stel me voor dat ze daar aan de rand van de cirkel staat, haar handen diep in de zakken van haar jas, haar hoofd een beetje opzij.

Imagine there’s no countries

It isn’t hard to do

Nothing to kill or die for

And no religion too

Imagine all the people

Living life in peace…

Ik stel me voor dat de hond wakker wordt en zijn hoofd optilt. Hij maakt geen geluid, maar toch wordt Fred ook langzaam wakker. Hij ziet de figuur bij de cirkel en knippert een paar keer met zijn ogen. Hij komt overeind. Yoko loopt naar hem toe en komt naast hem zitten.

‘Hallo, Fred,’ zegt ze zacht.

‘Hallo, Yoko.’

De hond is ook komen zitten. Yoko krabbelt hem achter de oren. Fred kijkt naar het mozaïek alsof hij naar John zelf kijkt en glimlacht. Yoko legt een hand op Freds onderarm, legt haar hoofd op zijn schouder.

Imagine,’ fluistert ze.

Kill your darlings: Deepak

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Deepak

New York, September 2009

Iedereen heeft zijn of haar voorkeuren: zwart, blank, Aziatisch. Man of vrouw. Donker of blond. Dun of stevig. Dat moet kunnen, ieder zijn ding. Ik val doorgaans op zelfverzekerde, blanke mannen van in de vijftig.

Maar van alle volkeren vind ik doorgaans – om even schaamteloos te generaliseren – de Indiase man misschien het minst aantrekkelijk. Dat is mijn persoonlijke voorkeur, niets ten nadelen van onze Indiase medemens.

Maar zo zie je maar weer: uitzonderingen daargelaten, want ik heb een afspraak met Deepak, een aantrekkelijke man van Indiase afkomst. Deepak is lang en heeft lang golvend haar. Binnen het hele spectrum aan huidskleuren die je in India ziet, heeft hij een hele lichte huidskleur. Deepak is een zeer getalenteerde fotograaf. Het werk dat ik van hem zie zijn voornamelijk zwart wit portretten. Werkelijk schitterend.

Toch was ik bijna afgehaakt. De correspondentie was een raar spelletje dat ik niet wilde spelen. Hij wilde me bijvoorbeeld zijn naam maar niet vertellen, draaide er telkens omheen en voor dat soort Bollywood gedrentel ben je bij mij echt aan het verkeerde adres. Ik schreef hem dat ik geen interesse meer had en afzag van de ontmoeting. Hij veranderde zijn houding en toen bleek dat we toch gewoon als twee volwassenen konden communiceren. Ik stemde toe hem te ontmoeten in Le Pain Quotidien op 100 Grand Street, in SoHo.

Deepak blijkt een hele vriendelijke, gereserveerde man. Hij gaat binnenkort weer op reis en zal voorlopig niet weer in New York zijn. Hij vertelt me over de steden waar hij verblijft en ik heb het idee dat er niet één plek is die hij thuis noemt. Een echte Rolling Stone, een nomade. Ondanks zijn jonge leeftijd (begin veertig) is hij twee keer getrouwd geweest, en is nog steeds getrouwd met zijn tweede vrouw maar hij heeft haar al twee jaar niet gezien.

Deepak reist over de hele wereld, ontmoet bijzondere mensen zoals de Dalai Lama, helpt kinderen in minder bevoorrechte delen van de wereld, maar ik merk al snel dat het niets gaat worden tussen ons. Hij vertelt namelijk over deze dingen met hele diepe, verveelde zuchten. Alsof dit hele fantastische leven wel erg zwaar te dragen is. Alsof hij er moe van wordt om er over te praten. Dat kan ik wel begrijpen, maar dan moet je het niet vertellen of je moet geen nieuwe mensen willen ontmoeten, want dan zul je toch het een en ander moeten vertellen.

Hij zal oprecht bescheiden willen zijn, niet willen opscheppen over zijn leven, maar een beetje enthousiasme voor het leven (en zeker voor zo’n bevoorrecht leven) wil ik toch wel graag zien bij iemand. Als hij verveeld is met zichzelf, met zijn verhaal, met zijn leven, dan kan ik er ook niet enthousiast over raken.

Vroe-guh!

Maf eigenlijk, de dingen waar je vandaag de dag over na moet denken. Zaken waar we vroeger helemaal niet mee bezig waren. Als we voorbeelden gaan verzinnen, komen er steeds meer boven, zoals: “hoeveel GB moet mijn nieuwe iPhone zijn?”, “is er WiFi in het hotel?” en nog veel meer van die vragen waar mijn oma niets van zou begrijpen als ze nog zou leven. Maar waar ik mij de laatste paar dagen in het bijzonder over verbaas is de cyber attack op mijn andere blog: http://newyorkin40dates.nl. Deze ligt onder vuur. Dat soort zorgen had ik een jaar geleden nog helemaal niet.

Ik krijg een email bericht als iemand is geblokkeerd na een mislukte poging om in te loggen op mijn website (‘User locked out from signing in’) en in de laatste 48 uur zijn dat grofweg zo’n 2,000 pogingen geweest. Dat zijn dus ook tweeduizend e-mailtjes die ik moet wissen. Daar word ik een beetje tureluurs van, maar vooral vraag ik me af wat iemand bezielt. Wat wil iemand bereiken? En hebben ze echt niets beters te doen? Ik begrijp wel dat het machines zijn, die mijn site aftasten, dat er niet echt iemand in Rusland (want daar komen deze pogingen vandaan) handmatig probeert in te loggen, maar dan nog. Iemand heeft de malware moeten schrijven.

Kijk, dat je de uitdaging aan wilt gaan om de site van het Pentagon te hacken, oké, kan ik me ergens nog wel iets bij voorstellen, maar waarom mijn kleine websiteje? Ik sta nou niet bepaald bovenaan in de ranking. Ik ben heel erg blij met mijn bezoekersaantallen hoor (dank jullie wel), maar om nou te zeggen dat ik duizenden volgers heb, nee dus.

Misschien moet ik me maar gewoon vereerd voelen.

Nog iets wat ik me van de week realiseerde: vroeger, als je niets van iemand hoorde waar je graag iets van wilde horen, dan miste je hem of haar gewoon. Heel vervelend, maar ja. Je kon een sms-je sturen, bellen, faxen, brief schrijven. Maar nu houden we ons bezig met detective spelen: wat doet diegene op facebook? Wanneer heeft hij of zij voor het laatst op de whatsapp gekeken? Iemand vroeg van de week: “hoe deed jij dat toen je relatie overging?” Er was toen nog geen whatsapp met ‘last seen at…’. We stuurden sms berichtjes. Je kon alleen een leesbevestiging krijgen en dat was al erg (lees: obsessief) genoeg. Tegenwoordig, als ik merk dat het me gaat bezighouden, wis ik het telefoonnummer van de desbetreffende persoon uit mijn telefoon. Ik wil het niet weten.

Zo maar eens twee van die dingen waarvan ik vroe-guh nooit zou hebben gedacht dat ik daar nog eens bij stil zou staan.

Toeval / Kleine wereld

Barcelona, oktober 2015. Mijn achternichtje van vijftien kijkt mee over mijn schouder terwijl ik op mijn laptop door mijn lijst van mogelijke blog onderwerpen loop. Ze leest er een paar hardop voor. Ik vraag me soms rare dingen af, die schrijf ik dan op, dus ik slik ongemakkelijk als ze hardop leest ‘het vrouwelijke orgasme.’ Stilte. ‘Hm,’ zegt ze en kijkt me bedenkelijk aan.

‘Ja.’ Ik schraap mijn keel. ‘Ik vraag me af wat het nut er van is. Ik bedoel, het is niet nodig voor de voortplanting. Snap je?’ Ik krijg een blik van haar die zegt ‘je bent raar’. Dat is goed, die blik krijg ik wel vaker. Ik glimlach, maar ze is alweer afgeleid door snapchat.

Die column over het vrouwelijk orgasme wil ik deze week nog niet schrijven. Misschien als we elkaar wat beter kennen. Deze week wil ik het hebben over toeval. Wie mijn boek gelezen heeft, weet dat ik me – tot vervelens toe – kan verbazen over het feit dat je bekenden op de meest vreemde plaatsen kunt tegenkomen. Het is wéér gebeurd!

Mijn nicht, mijn achternichtje en ik zijn dus afgelopen week voor een week in de stad van Antoni Gaudí. Op donderdag laten we ons rondrijden door zo’n hop-on hop-off bus en tussen de middag kopen we een broodje dat we op een bankje in de zon opeten. Er loopt een aantrekkelijke man langs met een grote zonnebril en halflang haar. Hij lacht een rij witte tanden bloot en zegt ‘buen provecho’ (eet smakelijk). Ik verslik me bijna. ‘Gracias’ roep ik terug en kijk hem na.

De volgende dag spreken we af met mijn goede vriend Clint, hij woont in het nabijgelegen Sitges en geeft les in Barcelona.

‘Hoe was je broodje gisteren?’ vraagt hij. Ik pijnig mijn hersenen. ‘Wil je niet weten hoe ik dat weet?’ zegt hij met een brede grijns. ‘Er liep gisteren een man langs die je smakelijk eten wenste.’ Ja, dat wist ik nog wel ja. Die man was veel smakelijker dan het duurbetaalde stuk stokbrood. ‘Dat was John. Je hebt hem ooit een keer ontmoet.’ Clint schetste de ontmoeting van zo’n dertien jaar geleden, maar dat kon ik me echt niet meer herinneren. Ik heb een heel slecht geheugen. ‘Hij herkende jou wel, maar kon je niet plaatsen. Toen ik gisteravond tegen hem zei dat je in de stad was riep hij “ik wist het! Ik dacht al dat zij het was”. Je kunt nergens meer komen, je wordt overal herkend.’ We moesten er allemaal hartelijk om lachen, mijn zogenaamde celebrity-momentje, maar jeetje, wat een toeval toch weer!

Mijn mooiste ‘toeval’ verhaal blijft dat uit december 1992: Ik vlieg met mijn moeder naar Nieuw Zeeland, daar woont mijn oom. Het is de eerste keer dat ik vlieg en de vlucht heeft behoorlijk wat tussenstops (de toestellen vlogen toen nog niet van die lange afstanden en je mocht zelfs nog roken aan boord). De laatste tussenstop is in Cairns, Australië. Van daaruit zullen we direct naar Auckland vliegen. We hebben er alles bij elkaar al zo’n dertig uur reistijd opzitten en zitten onderuitgezakt op een bankje te wachten tot we aan boord mogen. Dan wandelen Henk en Linda ineens doodleuk voorbij (Henk en Linda kende ik uit de bruine kroeg in Dordrecht waar ik bijna elke zaterdag kwam).

‘Hebben we net dertig uur gevlogen en dan kom ik jullie hier tegen?!’ roep ik verontwaardigd tegen ze, beschuldigend bijna alsof die dertig uur voor niets waren geweest. We maken foto’s als bewijs voor de mensen in Dordrecht, maar dat surreële gevoel dat je krijgt als je iemand aan de andere kant van de wereld tegen het lijf loopt, is niet vast te leggen.

Nog zo een: Laatst zat ik in een bus in Amsterdam. Een bus die ik nooit eerder genomen heb, naar station Amsterdam Sloterdijk, waar ik normaal gesproken nooit opstap. Ik denk: die stem ken ik. Ik kijk en denk: dat meisje lijkt heel erg op mijn nichtje (die in Hoevelaken woont). Ik moest drie keer kijken; het wilde gewoon niet tot me doordringen dat het echt mijn nichtje van negentien was die voor me stond. Ze was wezen stappen met vriendinnen. Heel toevallig.

Of wat te denken van een Dordtse vriend die in Frankrijk woont en ook in Kaapstad is, als ik daar ben voor een conferentie? Niet alleen dat; als ik dit tegen een collega vertel, zegt mijn collega: ‘Blonde knul, woont in Marseille?’ Ik kijk mijn collega stomverbaasd aan. Hoe weet hij dat nou weer? ‘Hij zat voor me in het vliegtuig en zei tegen zijn buurvrouw “kijk, we vliegen over Marseille, daar woon ik”.’ Nah ja!

En zo heb ik nog talloze voorbeelden. Bizar! Het is echt een kleine wereld en soms lijkt hij steeds kleiner te worden. Hebben jullie ook dergelijke verhalen? Daar ben ik nou benieuwd naar.

(En als je dan  toch reageert: wat denk jij nou dat het doel van het vrouwelijk orgasme is?!)