Schaduw van de avond

Vandaag weer een gedicht. Na Gedichtje voor een vakantieganger en Poëzie wordt dit het vierde gedicht dat ik met jullie deel. Gedichten zijn niet aan iedereen besteedt, dat merk ik aan de populariteit van de posts, maar ik wil ze toch graag met jullie delen en deze in het bijzonder is mij zeer dierbaar:


Schaduw van de avond

Wanneer het vuur gedoofd is

blijft alleen het as overeind

een broze schaduw

.

lege champagneflessen

oesterschelpen

het zoute water op de vloer

.

Je zei

ik ben geen goede man

om van te houden


© Diana, 2015

.

De Premier Inn

Ik zit weer in Londen, voor één nacht. Ik kom met mijn rugzakje aan in Londen in de avondspits en ervaar met afgrijzen de Londense metro op dit uur. Het heeft niets meer te maken met de gezapige, dromerige toestand van de vorige keer en alles met veel te dicht op elkaar gepakte lichamen in tunnels diep onder de grond.

Ik check in bij de Premier Inn, een relatief goedkoop hotel dicht bij kantoor, dicht bij King’s Cross station. Ik leg mijn spullen op mijn hotelkamer en ga op jacht naar iets te eten. Het is overal druk, de pubs zitten vol, het hamburgerrestaurant waar ik mijn zinnen op had gezet ook, dus loop ik weer terug naar het hotel en besluit wat te gaan eten in het restaurant van het hotel. Heel veel gezelliger dan een Van der Valk restaurant (oude stijl) ziet het er niet uit, maar het eten valt niet tegen. De bediening is in ieder geval erg vriendelijk en razendsnel. Alleen heb ik moeite hun binnensmondse Britse accent te verstaan, zeker met al het lawaai want ook hier is het druk.

‘Ik wil u graag laten weten dat het Happy Hour is, tot acht uur,’ zegt de uiterst correcte blonde vrouw in de bediening. Het is half acht. ‘Twee drankjes voor de prijs van één. Wilt u iets te drinken?’

‘Ja, een Chardonnay graag.’

‘Dat is dan twee Chardonnay.’

‘Huh?’

‘Water?’

‘Uh… Ja. Een fles water graag.’

‘En dat is dan twee flessen water.’

‘Uh… right.’

Alles wordt voor mij neergezet, twee volle glazen wijn, twee grote flessen water. Ik verberg één glas wijn achter de menukaart. Ik kijk naar mijn buurvrouw en zie dat zij gelukkig ook twee glazen wijn voor zich heeft staan.

‘Dit voelt een beetje vreemd, een beetje inhalig, vindt u ook niet?’ begin ik.

‘Ja,’ ze lacht. ‘Maar ja…We nemen het er maar van, nietwaar? Ik neem deze mee naar mijn kamer.’ Ze knikt naar het nog volle glas. Wanneer ze even later vertrekt, zeggen we in koor ‘geniet er van!’ en moeten er om lachen.

Schuin tegenover mij zitten zes Franse mannen aan een tafel. Dat ze Frans zijn, is niet te missen. Ze kennen de Fransen aan naburige tafeltjes ook. Bij elkaar een flinke groep dus. Ik kan niet verzinnen wat ze gemeen hebben, wat hen bindt. Ze zullen collega’s moeten zijn. De mogelijkheid familie of geliefden heb ik als ‘zeer onwaarschijnlijk’ afgestreept. Ze komen op mij ook niet over als een groep vrienden. Er is geen pijl op te trekken en doorgaans kan ik al snel een verhaal verzinnen bij de mensen die ik onderweg tegenkom, maar deze mannen…

Ik bestel een hamburger. Die komt snel en is te groot om goedgemanierd te kunnen eten. De zes Franse mannen kijken in toerbeurt toe hoe ik deze probeer te verorberen. Huh-huh-huh-huh! Ik kijk onverstoorbaar terug.

Voor mij zitten twee jonge Engelse mannen. Dit is niet de eerste keer dat ze hier eten, ze bestellen zonder op de kaart te kijken. De man die ik alleen op de rug zie, heeft opvallend grote, rode oren, van achteren gezien. Veel roder dan de overige huid die ik kan zien.

Achter me is een Engelse vrouw in gesprek, haar stem draagt ver en haar taalgebruik is aanstootgevend.

Ik ben een van de vier vrouwen die hier alleen aan een tafeltje zit. Met twee glazen wijn.

Iedereen zit met zijn smartphone aan tafel. Ik laat mijn vinger over mijn iPhone glijden. Niets.

‘Nee, geen toetje. Dank je,’ weet ik twee keer vol te houden tot de derde ober zonder het te vragen de dessertkaart op tafel legt.

Ah shit, doe maar een apple crumble met custard.

Morgen ga ik weer op dieet. Promise.

Anders overmorgen.

Hobby’s, clubs en praatgroepen

Hier is een stukje dat mijn boek niet heeft gehaald, eigenlijk een Kill your darlings verhaal dus, maar voor de verandering gaat het eens niet over een date, maar over sociale contacten. Eén van de leuke dingen van het leven in New York, vind ik namelijk, is dat je altijd gelijkgestemden kunt vinden. Je kunt er alles doen wat je wilt (zolang het legaal is uiteraard) en alles vinden wat je nodig hebt. Alle smaken, hobby’s, interesses en verlangens worden gefaciliteerd. Als je daar andere mensen bij nodig hebt, bijvoorbeeld voor een team sport, dan zijn er in New York altijd mensen voor te porren. Hoe vreemd en exotisch de sport ook is. Zo speelt een collega van mij ultimate frisbee. Persoonlijk had ik daar nog nooit van gehoord, maar de andere 17 mensen in de wereld die het ook spelen, wonen toevallig allemaal in New York en ze spreken regelmatig af in Central Park om de sport te beoefenen. Een website om met gelijkgestemden in contact te komen, ook in Nederland, is meetup.com.

meetupIk overdrijf natuurlijk met 17 spelers, want volgens Wikipedia zijn er wel 5,1 miljoen (!) ultimate frisbee spelers in de USA (zie wikipedia.org/Ultimate_(sport)) en is er in 2016 de eerste World Championship in Londen.

Zo, kun je daar ook weer over meepraten.

Verder zijn er in New York talrijke support groups om elkaar te helpen een doel te bereiken, zoals bij Weight Watchers, maar ook om over problemen te praten zoals het opvoeden van kinderen met een drugsverslaving, ik noem maar iets.

Er is de coffee bark in Prospect Park waar hondenbezitters elkaar op hun ochtend-uitlaat-rondje ontmoeten voor koffie. Er is een club voor lange mensen, waar leden minimaal 1,85 meter moeten zijn en ik heb zelfs een advertentie gezien voor een brei-cruise. Ja, echt, een cruise vakantie voor mensen die van breien houden, met breilessen en breiworkshops aan boord. Zie je het voor je? Een cruiseschip vol met breiende mensen? Kortom, er is echt voor ieder wat wils in deze stad, je hoeft je geen moment te vervelen of eenzaam te voelen.

De Londense metro, een sfeerbeeld

Ik reis van London City Airport, met de DLR trein en de Northern line, naar King’s Cross station. Een kleine tas met het hoognodige voor twee dagen kantoor en één overnachting, staat tussen mijn benen. Adele zingt voor mij alleen via de kleine Apple oordopjes. De zon komt op. Het was vroeg vanochtend. Het afgelopen uur heb ik twee keer mogen beleven, maar ik lever het morgen weer in als ik het land uitga.

Wat lijkt op een jonge, ranke versie van Mr. Bean staat bij de deur en staart naar het glas, naar de reflectie van zijn benen. Hij prevelt, geluidloos. Zijn smalle, kleine linkerhand gesticuleert sierlijk en ingetogen. In zijn rechterhand houdt hij het handvat van zijn rolkoffer. Hij draagt een donker pak en versleten bruine schoenen. Zijn borstelige wenkbrauwen dansen op en neer in verwondering en in overreding. Het is, zonder twijfel, een bewogen pleidooi dat hij houdt. Hij moet nodig naar de kapper. Vooral het weerbarstige haar van zijn bakkenbaarden is te lang en geeft hem een waanzinnige uitstraling, dat in combinatie met zijn stille preek uiteraard.

Een man stapt in. Hij draagt een dikke beige mantel, de omvang van een bontmantel, maar dat is het niet. Hij draagt een bril waar Sir Elton John jaloers op zou zijn, een fel blauwe bolhoed en grote oorbellen in de vorm blauwe druiventrossen.

Sir Elton John staat naast Mr. Bean en ik vraag me af wie ik vreemder vind.

Tegenover mij kruipt een matig aantrekkelijk meisje dicht tegen haar bijzonder aantrekkelijke vriend aan terwijl ze mij aankijkt. Ik kijk alleen omdat ze naar mij kijkt, anders waren ze me niet opgevallen. Ze slaat haar armen om haar vriend heen. Ontmoet weer mijn blik. Hij omhelst haar. Hij heeft alleen ogen voor haar. Niemand anders. Haar verwijtende blik is nergens voor nodig.

The next stop is Bank, where this train will terminate…

Kill your darlings: Vikingen onder elkaar

Voor de nieuwkomers: er zijn een aantal verhalen (van dates) die het boek New York in 40 dates niet hebben gehaald. Schrijven is schrappen. Kill your darlings. Ik wil hier een paar van deze verhalen alsnog met je delen.


Vikingen onder elkaar

New York, Mei 2010

Op mijn favoriete dating website ben ik niet bepaald verlegen. In het echte leven trouwens ook niet. Ik ben vaak degene die het eerste contact maakt. Laat ik dat anders zeggen; van de mensen die ik ontmoet via de dating site, ben ik vaak degene die het eerste contact maakt. De mannen die met mij contact opnemen zijn meestal niet de mannen die ik wil ontmoeten.

De aanleiding om iemand een berichtje te sturen is vaak omdat iets in hun profiel mij aanspreekt. Een leuke foto, een leuke tekst, een pakkende slogan. Daar reageer ik dan op, niets is namelijk zo dodelijk als te beginnen met alleen ‘Hi’ of ‘How are you?’

Bij Paul was zijn haar de aanleiding. Hij heeft precies hetzelfde haar als ik – blonde krullen – maar dan veel langer. ‘Hé, je hebt mijn haar!’ schreef ik hem en zo begon het.

VikingenHij las mijn profiel en moest erg lachen om de Viking-referentie omdat hij een actief, virtueel tweede leven leidt op Second Life en daarin De Viking speelt. Dat ik dat weet vind ik dan weer jammer (excuses aan alle Second Life liefhebbers), ik vind het namelijk niet bijzonder sexy als iemand zijn echte leven vult met het creëren van een virtueel leven. Maar oké, ik denk dat je vooral moet doen waar je zin in hebt. Ik hoef het ook niet aantrekkelijk te vinden.

In het eerste, originele leven is Paul een fotograaf. Hij is in de vijftig en woont zowel upstate New York – dus ten noorden van de stad New York, in de staat New York – als in Connecticut. Pendelt naar gelieve.

We spreken af om op een zondagochtend een stuk door Prospect Park te wandelen en over Greenwood Cemetery. Zo gezegd, zo gedaan.

Buiten het feit dat hij heel lang blond krullend haar heeft, is er eigenlijk niets wat er uitspringt bij hem. Het is een vriendelijke man van gemiddelde lengte, iets meer dan gemiddelde omvang met misschien een opmerkelijk detail: naast Second Life is hij erg actief in de wereld van BDSM wat volgens Wikipedia staat voor Bondage and Discipline (BD), Dominance and Submission (DS) en Sadism and Masochism (S&M or S/M).

Aha.

Klein detail tot je vastgebonden op bed ligt met zo’n kegel in je mond.

Nou zijn de geheimen van de slaapkamer (gelukkig) doorgaans niet af te lezen aan mensen, maar bij Paul verrast het me toch. Het is een heel volgzaam type. Het type koddig, buikje, wollen sokken in sandalen. Niet dat dat wat zegt natuurlijk, maar je begrijpt me vast wel. Ik kan me er gewoon geen voorstelling bij maken.

Na een tijd gewandeld te hebben door het park en over de begraafplaats – echt een bezoekje waard – krijgen we een behoorlijke trek. Mijn appartement is om de hoek dus ik stel voor een omelet te maken, wat hij niet afslaat. Hij denkt ongetwijfeld dat dit een uitnodiging is tot ‘meer’, maar dat is niet mijn intentie en hij is gelukkig erg voorzichtig met de avances. Dat doet hij overigens erg subtiel moet ik zeggen; de indruk geven dat je er voor open staat, maar niets doen of zeggen wat een afwijzing kan riskeren.

Ik maak een omelet voor ons klaar, serveer hem een eenvoudige doch voedzame late lunch, kijk daarna op de klok en meld heel romantisch dat ik naar de wasserette moet. Hij neemt afscheid met een genereuze uitnodiging om langs te komen in een van zijn stulpjes. Heel attent, maar iets wat er in geen van zijn levens van zal komen.

Never stop dancing

Ik ben mijn wekelijkse tips opnieuw aan het delen dit jaar. Vorig jaar heb ik ze voor het eerst gepubliceerd, en in 2016 gooi ik ze in de herhaling. Daar waar nodig pas ik ze aan.

Deze week, week 4, gaat het over The Village Underground en ik heb veel fantastische herinneringen aan deze tent. Al mijn logeetjes heb ik er naartoe gesleept, en ik heb mensen op het hart gedrukt te gaan kijken. Het is nog niemand tegengevallen, voor zover ik weet.

Een van mijn herinneringen aan The Village Underground betreft een ontmoeting met een oudere dame. Een klein tenger vrouwtje was het, blanke huid, grijs haar, heel elegant en met energie voor tien. Ze stond te swingen voor het podium en trok verschillende jongemannen de dansvloer op. Ze liet zich kirrend leiden door de krachtige jonge lichamen, vaak twee koppen groter dan zijzelf.

Jonge vrouwen nam ze ook bij de hand en trok ze uit hun stoel, inclusief ondergetekende, en daar stonden we;

Mannen keken blozend om naar hun vrienden die achter een biertje hingen en grijnzend terugkeken.

De band glimlachte tevreden naar het schouwspel aan hun voeten, en speelde speciaal voor haar.

De vrouwen stonden te dansen in een kringetje, met een flauwe glimlach om de mond, de ogen glanzend en vol bewondering.

‘How old are you?!’ vroeg een van de meisjes haar uiteindelijk. Het meisje klonk erg verbaasd, op het onbeleefde af. Het antwoord hoorde ik niet, maar ik zag de ‘WOW’ reactie op het gezicht van de jonge vrouw.

De oudere vrouw klampte mij vast met een verbazingwekkend stevige greep om mijn arm en trok me richting haar gezicht. ‘Ik ben 76,’ zei ze in mijn oor.

Ik kwam iets omhoog, keek haar verbaasd aan.

‘Wil je weten wat mijn geheim is?’ vroeg ze.

Ik knikte gretig.

‘Never stop dancing,’ zei ze. Ze liet me los, glimlachte, wierp me een schalkse blik toe en begaf zich weer onder de mensen.

Never stop dancing. Ik ben het nooit vergeten en om mijzelf er bij tijd en wijle aan te herinnering heb ik het op de achterkant van mijn iPod Touch laten graveren (dat was destijds een actie van Apple).

Zing, dans. Juist als je er geen zin in hebt. Je hoeft er niet voor naar een club, je hebt er geen andere mensen voor nodig. Ik beken: soms, thuis of op reis, doe ik mijn oordopjes in en zing en dans. Ziet er niet uit, klinkt voor geen meter, maar je wordt er vrolijk van, het neemt spanning weg en je verbrandt zelfs wat extra calorieën. Bovendien houdt het je jong, dat weet ik zeker.

Dus: Never stop dancing!

Dancing

David Bowie

Ah ja, David Bowie.

Ik heb een concert van hem bij mogen wonen in de Amsterdam Arena. Ik heb het opgezocht, het moet juni 2004 geweest zijn. De akoestiek in de Arena was niet zo goed, waarop Bowie zei : ‘ Can you hear me once, or twice twice twice twice…’

Grappig verhaal: Ik ging met mijn ex naar dit concert – tenminste, toen was het nog mijn vriend, dus laat ik zeggen mijn toenmalige vriend – en hij leek ook op David Bowie. Zeker als hij zijn haar in hetzelfde kapsel liet knippen. Hij leek dusdanig op hem dat mensen regelmatig twee keer moesten kijken, met name in het buitenland als we Engels praatten.

Anyway, mijn broer had kaartjes geregeld voor het concert, zelf was hij al binnen met zijn gezelschap. Mijn broer en ik stuurden elkaar SMS berichten (want toen had je nog geen WhatsApp) in de trant van ‘waar ben je nu?’, ‘waar sta je?’, et cetera. Mijn broer zegt dat hij helemaal vooraan staat, recht voor het podium, dus mijn toenmalige vriend en ik komen het veld op en lopen stevig door richting podium. We laten ons insluiten in het voorste vak, tegen het podium aan. We zijn de laatsten die dit vak in mogen, achter ons gaan de dranghekken dicht. We draaien ons om en daar staat mijn broer, precies búiten dit vak.

‘Hoe kom je dáár nou terecht?’ roept mijn broer verongelijkt, wellicht in de veronderstelling dat dit voorste vak alleen op uitnodiging toegankelijk is, of voor minder valide of wat dan ook.

Ik haal mijn schouders op en wijs naar mijn vriend. Laat dat maar aan hem over: als je ergens vooraan wilt staan of zitten, of als je ergens binnen wilt komen waar je niet hoort te zijn – bijvoorbeeld op de Miljonairs’ Fair met Don Johnson, om maar wat geks te noemen – dan moet je gewoon mijn ex volgen.

Het voorprogramma begint; lekkere stevige muziek.

Lekker wijf zeg, die staat te zingen, keuvelen mijn vriend en ik. Goh, ze speelt nummers van Anouk. Mag dat? Covers? Dat mag toch niet?

‘Het ís Anouk,’ zegt iemand naast ons, duidelijk geïrriteerd dat we dat niet weten. We hadden haar echt niet herkend. Ze heeft toch een paar metamorfoses ondergaan, wees eerlijk.

Maar goed, in juni 2004 zijn wij dus getrakteerd op Anouk én de grote David Bowie. Op werkelijk een steenworp afstand. Wauw. Dat nemen ze ons niet meer af. Rust in vrede, meneer Bowie.

Wisten jullie trouwens dat Bowie een fervent lezer was? Hier is zijn ‘recommended reading’ lijst (uit 2003):

https://www.brainpickings.org/2013/10/03/david-bowie-reading-list/

Bowie reading about Francis Bacon in 1995.
Bron: http://www.theguardian.com

Slurp je slank, drink je dunner

Vorige keer hebben we afgesloten, deze week beginnen we met een nieuw jaar.

Frisse moed, nieuwe kansen, schone lei.

Allemaal onzin natuurlijk, want waarom zou de ochtend van 1 januari anders zijn dan welke andere ochtend die je gegeven is? Maar het geeft niet: het werkt. Het placebo-effect. 1 januari is voor veel mensen een goede dag om ergens mee te beginnen of juist te stoppen en als dat voor mensen werkt, dan moeten we dat vooral zo laten.

Uiteraard, in de top drie van goede voornemens: tijd voor veel mensen om af te vallen. Ik ben in januari jarig en zo lang als ik me kan herinneren wordt taart op mijn verjaardag niet gewaardeerd! Als je nou in november jarig bent, dan is iedereen de zomer en de traumatische zwemkleding al weer vergeten, weet iedereen dat het in december toch hopeloos is, en wordt het buiten al weer flink koud, dus: ‘kom maar op met die zoetigheid en hartigheid. Volgend jaar gaan we weer aan de lijn.’ Niet op mijn verjaardag.

Over dat afvallen; ik heb al vaker wat afvaltips geplaatst, maar vandaag ga ik je één hele simpele tip geven, een doodeenvoudige regel. Als je je daaraan houdt dan ben je al een heel eind op weg. Dat klinkt als zo’n vervelende facebook reclame aan de rechterkant van je pagina, maar goed, ik meen het serieus:

Haal geen calorieën uit je drankjes.

Wat?

Zorg dat je geen calorieën drinkt.

Geen melk, geen fruitsapjes, geen frisdranken (ook zeker geen zogenaamde ‘zero’ varianten), geen alcohol, gewoon, géén vloeibare calorieën.

Ik houd mijn calorieën bij – zo ben ik onder andere de afgelopen 18 maanden 30 kilo kwijtgeraakt – en als je moet gaan beknibbelen op je calorieën, dan is het echt zonde deze te spenderen aan bijvoorbeeld frisdrank want het vult niet meer of minder dan een glas water of een beker thee. Je lichaam heeft meer aan een appel dan aan een cappuccino.

Drink voldoende, maar ook niet teveel! (maximaal drie liter per dag). Drink ongezoete (kruiden)thee, drink zwarte koffie (met mate) en drink vooral water. Gelukkig vind ik zelf water heerlijk en heb ik nooit veel met frisdrank gehad, maar als je er echt niets aan vindt, aan water of thee: het internet staat vol met leuke ideeën om je karaf een beetje ‘op te leuken’ met mint, met lavendel, met komkommer, met citroen, met aardbeien, en ga zo maar door. De mogelijkheden zijn eindeloos. Ik denk dat de gemiddelde Nederlander al snel 400 tot 500 calorieën per dag kan besparen door zich aan dit ene goede voornemen te houden.

400 tot 500 calorieën … Ik ontbijt voor minder!

Toch weer mooi meegenomen.

Strawberry-Lime-Cucumber-and-Mint-Water-54health
Bron:

https://54health.com/food-and-drinks/detox-water

Aan alles komt een eind

Lieve lezers: een goede jaarwisseling gewenst, en al het goede voor 2016!

Het is leuk dat jullie zo enthousiast zijn, maar het was natuurlijk niet de bedoeling dat jullie massaal de Literaire Juweeltjes zouden gaan inslaan. Hemel en aarde heb ik bewogen om het laatste deel van 2015 te kunnen bemachtigen, uiteindelijk via de Bruna in Laren!

Inmiddels kan ik je wel, redelijk accuraat, vertellen waar je zoal Bruna winkels in Nederland kunt vinden. Dat is dan weer handig voor een volgende keer.

Deze december uitgave, geschreven door Hans Dorrestijn, wilde ik erg graag hebben omdat ik Hans heb mogen ontmoeten. Dan ontwikkel je toch direct een zwak, of een voorkeur, voor iemand; iemand die je hebt gezien, gehoord, gevoeld (hand schudden) en geroken (onbewust).

Het ging als volgt:

Eind februari van dit jaar (2015), mocht ik naar de studio van Koos Breukel om mijn auteursportret te laten maken (zie het portret bovenaan dit blog). Singel Uitgeverijen was sinds een aantal maanden zelfstandig en had Koos Breukel gecharterd om iedereen in dezelfde sfeer vast te leggen voor de nieuwe website.

Koos Breukel is nou niet bepaald de minste, hij maakt prachtige Rembrandt-achtige portretten, het liefst (naar eigen zeggen) van mensen met een handicap. Zo heeft hij foto’s gemaakt voor de brandwonden stichting, en van mensen die blind of gedeeltelijk blind zijn. Hij vindt juist de imperfectie zo mooi (zei hij toen ik vroeg of hij het wondje op mijn kin zou willen retoucheren). Daarnaast heeft hij veel bekende Nederlanders geportretteerd en heeft de staatsieportretten van Willem-Alexander en Koningin Máxima mogen maken.

Zelf is Koos een heerlijke nuchtere man die zijn schouders ophaalt over dit alles en alleen maar bezig is met zijn kunst, niet met alle media aandacht daaromheen.

Hij heeft een fijne studio in de Schinkelbuurt in Amsterdam. Ik zeg fijne studio omdat het een glazen dak heeft en er dus veel daglicht binnenkomt, dat geeft al meteen een prettige sfeer.

Ik kom op die dag in februari de studio binnen en wordt welkom geheten door een uiterst vriendelijke, mannelijke assistent. Die dagen is het lopende-band-werk bij Koos, de uitgeverij heeft hem en zijn studio volgens een strak schema volgeboekt. Ik hoor en zie de flitsen vanuit de achterkamer komen.

‘Mag ik kijken?’ vraag ik aan de assistent.

‘Natuurlijk. Hans Dorrestijn wordt nu gefotografeerd.’

Ik loop naar achteren. Na nog een paar foto’s zijn ze klaar, ik schud beide heren de hand.

‘Kan ik een taxi voor je bellen, Hans?’ vraagt Koos.

‘Nee, mijn chauffeur komt mij zo halen.’

Koos en ik kijken elkaar aan.

‘Chauffeur,’ zeg ik. ‘Zo!’

Hans lacht een beetje gegeneerd. ‘Uit pure noodzaak hoor,’ zegt hij, ‘ik kan niet rijden. Ik heb geloof ik wel zeven keer afgereden. Toen heb ik het maar opgegeven.’

Koos en ik lachen nu ook.

‘Ik word er zo zenuwachtig van. De laatste keer heb ik een paar valiumpillen ingenomen en mijn vrouw is achter ons aangereden om te kijken hoe het ging. Ze zei me later dat het goed ging, maar toch was ik weer gezakt.’

‘Misschien waren de valiumpillen niet zo’n goed idee, Hans,’ zeg ik erg bijdehand.

Hans wordt opgepikt door zijn chauffeur. Ondertussen komt er een weinig sympathieke vrouw binnen met koffers. Het blijkt de styliste te zijn van Stella Bergsma. (Chauffeur, styliste. Doe ik toch iets niet goed, denk ik.) De kinderen van Koos komen uit school en komen hun vader even gedag zeggen.

Ik mag plaatsnemen op de kruk, onder de lampen.

Stella is inmiddels binnengekomen en blijkt zelf een ontzettend vriendelijke en attente jonge vrouw. Het boek van Stella (Pussy album) verschijnt in februari 2016.

Herman Clerinx is overgekomen uit België en kijkt vanaf de zijlijn rustig toe, kop koffie in de hand, hoe de vrouwen druk in de weer zijn met poseren, kleding en make-up.

Ik ben binnen twee minuten klaar, of Koos is binnen twee minuten klaar met mij moet ik zeggen. Een compliment natuurlijk, maar ik vind het wel jammer. Het is hier erg gezellig en ik zou nog wel wat langer willen blijven. Maar ja, aan alles komt een eind.

Ook aan 2015! Nogmaals: een goede jaarwisseling en al het goede voor 2016!

Kunst-werk

Zo. Hè. Fijn. De kortste dag is weer geweest, de dagen worden weer langer! Ik weet het, ik moest gewoon niet zeuren vorige week; deze winter is heerlijk mild, iedereen loopt te tobben met de kerstkaarten, iedereen neemt een paar extra kilo mee het nieuwe jaar in en ja, natuurlijk, het is ontzettend gezellig allemaal. Ik weet het, ik weet het. Maar die boom, daar blijf ik bij. Die komt er bij niet in!

Maar genoeg daarover. Wat mij nou weer overkomt vorige de week; een collega staat woensdag aan mijn bureau en vraagt: ‘Laat die portretfoto’s van jou nog eens zien?’ Het gaat om de portretfoto’s voor ons bedrijfsprofiel en deze zijn gemaakt door een kennis van hem. Mijn collega fotografeert zelf ook en is benieuwd naar het resultaat. Ik krijg de zeer attente opmerking, die ik desalniettemin niet al te serieus neem: ‘Je zou model moeten zijn.’

Diezelfde middag nog krijg ik een mailtje uit een compleet andere hoek, van Jeanne, of ik model zou willen zitten voor een foto/filmpje. Weer zo’n geval van bizar toeval, de opmerking en het verzoek, zo vlak achter elkaar.

Natuurlijk wil ik model zitten, ik ben namelijk overal voor te porren, zeker binnen ‘de kunsten’.

Wat is er allemaal aan de hand: in februari 2016 opent er in ons prachtige Dordrechts Museum een expositie over/van de Nederlandse schilder Godefridus / Godfried Schalcken (1643-1706).

Het is de bedoeling dat de expositie wordt begeleid door een kort filmpje met daarin onder andere tekst en uitleg van de curator. Ter afwisseling worden eventueel wat beelden gemonteerd over de werkwijze en de unieke belichting van Godfried, hij gebruikte namelijk vaak kaarslicht als de lichtbron in zijn werk.

Godfried Schalcken kan het ons niet meer op film laten zien, maar fotografen experimenteren met licht zoals de oude meesters dat deden in hun schilderijen. Zo ook Mark Isarin in Dordrecht. Hij probeert de belichting van Rembrandt te gebruiken in de fotografie.

Mark heeft geprobeerd twee schilderijen van Godfried te reconstrueren en ik hoefde alleen maar heel stil te zitten want de sluitertijd is relatief lang bij kaarslicht. Geen make-up had ik zelf bedacht, maar pure Hollandse welvaarts blosjes.

Ondertussen werden we gefilmd door Jeanne van der Horst en Annemarie Strijbosch.

Uiteindelijk gaat het om het filmmateriaal, maar het is nog maar de vraag hoeveel er van bewaard blijft: in alle kunstvormen geldt ‘Kill your darlings’, dus ik houd er rekening mee dat ik mijn filmdebuut (weer) niet ga halen. (Dit doet me denken: toen ik een jaar of 17 was kreeg ik de hoofdrol in een Nederlandse speelfilm, van een compleet onbekende Dordtse producent. Het project is nooit van de grond gekomen, maar ik moet het script en het contract nog wel ergens hebben liggen denk ik.)

Ik houd er in ieder geval een uniek paar foto’s aan over, een leuke herinnering en een apart verhaal.

b8c5c8b1-4d41-496e-97f2-fe8cb9bb13cb-original

De tentoonstelling, onder de titel ‘Schalcken – kunstenaar van het verleiden’, is vanaf 21 februari te zien in het Dordrechts Museum.